in het nieuws

 

 

instellingen


instellingskinderen zijn niet allemaal criminelen

 

De bijzondere jeugdzorg is niet gebaat bij spektakelverhalen. Niet al onze jongeren zijn criminelen of moordenaars. Dat is een minderheid.'

'Jeugdzorg is geen schande. Het komt bij de beste gezinnen voor'

BRUSSEL 'Het is normaal dat de media veel aandacht besteden aan de assisenzaak van Jimmy Hemeleers, omdat het zo zeldzaam is dat een minderjarige twee moorden pleegt. Maar de bijzondere jeugdzorg is niet gebaat bij dergelijke spektakelverhalen', zegt Frank Cuyt, algemeen directeur van het Vlaams Welzijnsverbond. 'Het voedt de beeldvorming dat instellingskinderen, zoals ze vaak worden omschreven, allemaal criminelen zijn. Maar dat is absoluut niet het geval', aldus Cuyt. 'Slechts tien procent van alle jongeren in de bijzondere jeugdzorg heeft een misdrijf gepleegd, zoals diefstal.

Slechts 0,5 procent van de jongeren heeft een zwaar misdrijf gepleegd, zoals moord of inbraak met geweld.' Minderjarigen die een 'als misdrijf omschreven feit' (MOF) hebben gepleegd, worden door de jeugdrechtbank gedwongen naar de bijzondere jeugdzorg doorverwezen.

De andere jongeren die in de bijzondere jeugdzorg terecht komen, zitten in een problematische opvoedingssituatie (POS). Zij worden vrijwillig doorverwezen via een comité voor bijzondere jeugdzorg (in elk bestuurlijk arrondissement) of gedwongen via de jeugdrechtbank.

In 2006 zaten in de privé-instellingen van de bijzondere jeugdzorg in totaal 447 MOF-jongeren en 4.056 POS-jongeren. In de gemeenschapsinstellingen zaten toen 1.147 MOF-kinderen en 293 POS-kinderen. 'In de gemeenschapsinstellingen zitten er meer jongeren die een misdrijf hebben gepleegd, omdat die een strenger en meer gesloten regime hanteren. In Mol of Ruiselede kunnen ook jongeren zitten die geen misdrijf hebben gepleegd, maar toch behoefte hebben aan een streng regime omdat ze onhandelbaar zijn, agressief en in de privé-instellingen altijd weglopen', zegt Cuyt.

'Het regime in de privévoorzieningen is helemaal anders. De privé-instellingen zijn niet omgeven door een traliehek van vijf meter hoog. De jongeren zitten er niet opgesloten. Ze kunnen met de fiets naar school, gaan uit werken of kunnen tot een stuk in de nacht uitgaan.' 'De privé-instellingen staan ook niet geïsoleerd, maar zijn goed geïntegreerd in de lokale buurt. De bedoeling is dat ze zo min mogelijk opvallen. Ik denk dat veel mensen niet weten dat er in hun buurt een instelling van de bijzondere jeugdzorg is, waar tien of twintig jongeren met problemen in een leefgroep wonen.' 'Dat is goed', zegt Cuyt. 'Jeugdzorg hoeft niet te worden gelabeld als een pest. Het gaat om jongeren die in een problematische opvoedingssituatie zitten. Dat is geen schande, want het komt in de beste gezinnen voor.'

De meerderheid van de jongeren in de bijzondere jeugdzorg komt uit een ontwricht gezin waar de opvoeding is scheef gelopen, zoals een nieuw-samengesteld gezin of een eenoudergezin. 'De gezinssituatie is het jongste decennium sterk veranderd. Het stemt tot nadenken dat een gemiddelde relatie vandaag minder lang duurt dan de opvoeding van een kind tot zijn achttiende.' 'Maar hét gezin van de bijzondere jeugdzorg bestaat niet', zegt Cuyt. 'De achtergrond van de jongeren is divers. Zo begeleiden we niet alleen achtergestelde gezinnen, maar ook gezinnen waarmee schijnbaar niets aan de hand is en die in luxe baden. Het gaat om tweeverdieners die nooit thuis zijn en hun kind verwennen, dat door alle luxe en een gebrek aan controle ontspoort.'

Ook de 'symptomen' van de jongeren zijn uiteenlopend: de ene is agressief en onhandelbaar, de andere heeft een drugsprobleem (vaak als gevolg van een problematische opvoeding), nog andere jongeren hebben psychiatrische stoornissen.

Yves DELEPELEIRE

Bron: De Standaard, 15/01/2008, p. 11