De Zande

Campus Beernem

Campus Beernem maakt deel uit van gemeenschapsinstelling De Zande en biedt plaats aan 46 meisjes van 12–18 jaar, verdeeld over vijf leefgroepen. Het is de enige gemeenschapsinstelling voor meisjes, naast de time-outleefgroep in gemeenschapsinstelling De Kempen, campus De Markt.

Het boek ‘Het Engelenhuis’ van Dirk Bracke is gebaseerd op het leven in de meisjesinstelling en een aanrader voor wie meer hierover wil weten.

De voorbije jaren zijn grote aanpassingen gebeurd aan de gebouwen van de campus. Ook de komende jaren duren de werken verder. Dat alles kadert in het masterplan voor campus Beernem.

Aanbod

Een groep opvoedsters en opvoeders staat in voor de individuele begeleiding en opvang van de minderjarigen. Het team legt de nadruk op:

  • Het inbouwen van een rustperiode en het bijbrengen van inzicht in de problemen; Ook voor de ouders kan het verblijf van hun dochter een rustperiode betekenen. De ervaring leert dat de periode voordat een jongere aan een instelling werd toevertrouwd, voor vele ouders reeds moeilijk was;
  • Het leren omgaan met regels en grenzen, als eerste stap naar meer structuur;
  • Het helpen groeien naar zelfstandigheid, zelfredzaamheid en het opnemen van verantwoordelijkheden;
  • Het leren uit ervaringen (dagelijks leven, leefgroepprojecten, samenwerkingsverbanden enz.) op een positieve manier;
  • Het versterken en verbeteren van contacten met de minderjarigen en hun ouders;
  • Het voorbereiden van de toekomst, in overleg met de ouders en de minderjarigen.

De leefgroepteams werken nauw samen met een team van psychologen, maatschappelijk werkers en medische staf. Daarbij ligt de klemtoon op:

  • Het individueel en op maat begeleiden van de jongere;
  • Motivatie zodat de jongere zich openstelt voor verdere hulpverlening na het verblijf in de gemeenschapsinstelling;
  • Het begeleiden van specifieke noden.

Verblijf

Bij aankomst in de gemeenschapsinstelling gaat de jongere naar de onthaalleefgroep. In een beveiligde ruimte krijgt ze kledij van de leefgroep. Alle persoonlijke spullen – inclusief kledij en piercings - worden in bewaring genomen. Binnen de twee uren neemt de minderjarige haar intrek in een gewone kamer.

Alle meisjes in de onthaalafdeling doorlopen een fasesysteem:

  • Om te wennen aan het verblijf start de minderjarige in de aanpassings- of rode fase. Ze blijft veel op kamer, krijgt individuele taken van de begeleiding en de sociale dienst en neemt alle maaltijden op de kamer;
  • Na vier dagen is er een overgang naar de blauwe- of overgangsfase. Nu neemt de jongere deel aan de leefgroepactiviteiten, uitgezonderd de maaltijden die nog steeds op kamer worden genuttigd;
  • Na een week komt men in de leefgroep- of witte fase. Er wordt deelgenomen aan alle activiteiten en ook de maaltijden gebeuren in groep.

Vanaf nu is de minderjarige klaar om over te stappen naar een opvoedingsleefgroep. Er mag persoonlijke kledij gedragen worden en persoonlijke bezittingen mogen bijgehouden worden. De kamer kan naar eigen smaak worden ingericht met posters, foto’s , prenten en spulletjes. De minderjarige volgt het huisonderwijs en neemt deel aan alle activiteiten binnen de instelling.

Gedurende heel het verblijf worden de ouders nauw betrokken bij de begeleiding van hun dochter.

Onderwijs

De jongere volgt onderwijs in de instelling zelf.

Een team van leerkrachten volgt de meisjes van dichtbij op. Daarbij ligt de nadruk op:

  • het bevorderen van de motivatie voor het schoolgaan;
  • het individueel en op maat bijwerken van de schoolachterstand;
  • het zoveel mogelijk verder zetten van het bestaande schoolprogramma;
  • de voorbereiding van de terugkeer naar de eigen school;
  • de (her)oriëntering van de jongere in verschillende beroepenvelden;
  • de voorbereiding op zelfstandig wonen en werken;
  • het aanleren van de Nederlandse taal om de re-integratie in de samenleving te verbeteren.

Bezoekuren

Dag Tijdstip
Woensdag 18u30–20u30
Vrijdag 18u30–20u30
Zondag 09u00–11u30

Het bezoek kan uitzonderlijk (mits afspraak) ook op een andere dag plaatsvinden.

Elke bezoeker moet in het bezit zijn van een identiteitskaart. Met uitzondering van directe familieleden heeft iedereen een toelatingsbewijs van de jeugdrechter nodig om een jongere in een gemeenschapsinstelling te bezoeken.

Contact en bereikbaarheid

Contact

Adres
Sint-Andreaslaan 5 8730 Beernem
Telefoon
050 80 61 00
Fax
050 80 67 00
Stijn StaesVeranderingsdirecteur
Nathalie SchouteetPedagogisch directeur

Voor stageplaatsen:

Pedagogische stage
Onderwijsstage
Ligging van gemeenschapsinstelling De Zande, campus Beernem
Routebeschrijving via Google Maps

Bereikbaarheid

  • Per trein
    Het station van Beernem bevindt zich op minder dan 10 minuten wandelen van de instelling.
  • Per auto
    Autosnelweg E40 Brussel – Oostende afrit 10 Beernem, richting Beernem, aan de eerste verkeerslichten rechtsaf.

Bij aankomst moet men zich aanmelden bij de metalen poort, links van de hoofdingang.