


|  | Toelichting bij het
Decreet van 7 december 2007 houdende de oprichting van de Strategische Adviesraad voor het Vlaamse Welzijns-, Gezondheids- en Gezinsbeleid en van een advies commissie voor voorzieningen van welzijn, volksgezondheid en gezin
> naar decreet 7 december 2007 Inhoud
I. Algemene situering in de organisatiestructuur Beter Bestuurlijk Beleid De Vlaamse Regering opteerde ervoor om de organisatiestructuur Beter Bestuurlijk Beleid te schragen met een aangepast adviesstelsel. Daartoe werkte ze een kaderregeling uit voor een transparant, eenvoudig en doelmatig adviesstelsel inzake beleidsaangelegenheden. Essentiële beginselen inzake strategische beleidsadvisering werden verankerd in het decreet tot regeling van strategische adviesraden, dat op 9 juli 2003 in het Vlaams Parlement werd goedgekeurd en op 18 juli 2003 door de Vlaamse Regering werd bekrachtigd en afgekondigd. Dat decreet bevat een aantal generieke regels met betrekking tot de oprichting, de taakomschrijving, de organisatie en de werkwijze van strategische adviesraden, alsook met betrekking tot de programmering van de werkzaamheden en de verslaggeving. Een strategische adviesraad brengt advies uit over strategische beleidsvraagstukken en de hoofdlijnen van het beleid. Hij draagt op die wijze bij tot het vormen van de beleidsvisie en een interpretatie van maatschappelijke ontwikkelingen: - de strategische adviesraad kent een brede inhoudelijke taakstelling. Hij gaat zowel beleidsgericht en reactief te werk, als pro-actief en anticiperend. Bovendien kan de strategische adviesraad dienen als klankbord voor de politieke verantwoordelijken, voor de toetsing van onuitgewerkte ideeën; - de decretaal gegarandeerde aanwezigheid van vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld in de strategische adviesraad waarborgt de participatie van het middenveld en derhalve de maatschappelijke draagkracht van de uitgebrachte adviezen; - adviezen komen tot stand in de vertrouwensrelatie met een overheid die vanuit haar vanzelfsprekende en actieve verantwoordelijkheid waar en wanneer nodig knopen doorhakt; - bindende advisering is niet aan de orde; - doelstelling was de creatie van één strategische adviesraad per beleidsdomein. Daar waar verantwoord, is een strategische adviesraad op niveau beleidsveld mogelijk; - de onafhankelijke positie van de strategische adviesraad is van vitaal belang voor de duiding van de politieke agenda van de beleidsverantwoordelijke. De strategische adviesraad is in geen geval uitvoeringsorgaan voor de minister. Top
II. Principes inzake de herstructurering van het adviesstelsel
Uitgangspunten Volgende brede principiële uitgangspunten werden vooropgesteld met het oog op de herstructurering van het adviesstelsel: - adviesverlening en overleg werken complementair aan de beleidsbepaling die behoort tot de taak van de beleidsverantwoordelijken en inspireren een competente administratie die in staat is het beleid in zijn ambtelijke en politieke aspecten te initiëren, te begeleiden en uiteraard ook uit te voeren; - zowel de rol en de waarde van het maatschappelijke middenveld, als de inbreng van onafhankelijke deskundigen worden expliciet erkend. De betrokkenheid van het maatschappelijke middenveld bij de totstandkoming van het beleid is uitermate belangrijk. Voeling houden met en toetsen van beleidsintenties aan deze actoren vergroot de kans op het verwerven van een maatschappelijk draagvlak voor het beleid. Anderzijds kunnen ook onafhankelijke deskundigen, die gespecialiseerd zijn in een bepaalde beleidsmaterie en een geïntegreerde visie hebben over de grenzen van beleidsvelden of beleidsdomeinen heen, vanuit hun expertise een toegevoegde waarde leveren aan de beleidsvoering; - adviesverlening en overleg verschillen in hun finaliteit. Adviesverlening is de formulering van een onderbouwde raadgeving of van een beredeneerd standpunt over een beleidsaangelegenheid, op basis van een onderlinge beraadslaging. De essentie van overleg is de wederzijdse aftasting en informatie-uitwisseling, reflecties erop en gedachtewisseling over een bepaalde beleidsproblematiek of een concrete beleidsmaatregel, tussen de beleidsverantwoordelijken en de relevante betrokken maatschappelijke actoren. Bij overleg toetsen de deelnemende actoren een aangelegenheid aan de doelstellingen en de belangen van hun groepering. De finaliteit van het afleveren van gefundeerd advies dient te primeren in de werking van het strategische adviesorgaan; - het zich oordeelkundig organiserend adviesstelsel moet zich zij aan zij met een slagkrachtige Vlaamse overheid ten dienste stellen van een betere samenleving - in al haar aspecten. Dat lukt beter naarmate het verwerven van maatschappelijk draagvlak, alert overheidsoptreden en verantwoordelijkheid voor de beslissingen in balans blijven. De krachtlijnen van de herstructurering van het adviesstelsel:
1. Ordening van het adviesstelsel
Met het oog op coherentie en duidelijkheid inzake opdracht en samenstelling van de adviesverlening opteert de Vlaamse Regering voor de ordening van het adviesstelsel. De adviesfunctie dient decretaal onderbouwd te zijn en wordt zo min mogelijk versnipperd. Strategische adviesraden zijn per definitie gericht op de beleidsvoorbereiding en evaluatie. De strategische adviesraden hebben als taak om beleidsverantwoordelijken te adviseren over strategische beleidsvraagstukken, over de hoofdlijnen van het beleid. Zij bieden ondersteuning bij de totstandkoming van het beleid, niet bij de beleidsuitvoering. Als streefdoel wordt uitgegaan van één strategische adviesraad per homogeen beleidsdomein, omdat dit toegevoegde waarde kan genereren. Deze ene adviesraad hoort de belangen van deelsectoren binnen een beleidsdomein te overstijgen, een gestelde problematiek op het macroniveau te bekijken en verschillende invalshoeken te bundelen tot één omvattend beleidsadvies. Advisering vereist immers een brede benadering, weliswaar vanuit verschillende invalshoeken, maar met voldoende raakvlakken tussen de verschillende deelaspecten van het beleidsterrein. Naast strategische adviesraden kunnen daarom slechts adviesorganen blijven functioneren waarvan het de uitdrukkelijke wens is van de decreetgever dat ze voor een specifieke beleidsmaterie de Vlaamse Regering adviseren. Het is de bedoeling van de huidige Vlaamse Regering om de Strategische Adviesraad voor het Vlaamse Welzijns-, Gezondheids- en Gezinsbeleid, hierna de Strategische Adviesraad genoemd, in te bedden in de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen, hierna de SERV genoemd. Deze inbedding kan er allicht voor zorgen dat extra aandacht wordt besteed aan de sociaal-economische aspecten van het Vlaamse beleid inzake Welzijn, Volksgezondheid en Gezin. Maar doorslaggevend voor deze optie is zeker het operationeel voordeel dat deze inbedding kan betekenen voor deze Strategische Adviesraad naar kwaliteit en stroomlijning van de organisatie van de adviesverlening en de noodzakelijke inhoudelijke en administratieve ondersteuning die dit vereist. Deze nieuw op te richten strategische adviesraad zal daarvan niet alleen de schaalvoordelen kunnen benutten, maar zal als jonge organisatie kunnen putten uit de jarenlange ervaring van het ondersteunende secretariaat binnen een stabiele werkingsstructuur die continuïteit kan garanderen. De Strategische adviesraad voor het Vlaamse Welzijns-, Gezondheids- en Gezinsbeleid wordt hierdoor geconcipieerd als een strategische adviesraad zonder rechtspersoonlijkheid, aangezien de SERV zelf over rechtspersoonlijkheid beschikt. 2. Geen bindende advisering
Bindende advisering is een contradictio in terminis: een advies wordt immers gedefinieerd als een raadgeving over een beleidsaangelegenheid en is dan ook per definitie niet bindend.
3. Logistieke en personele ondersteuning van de strategische adviesraden
Er wordt voorzien in een logistieke en personele ondersteuning van de strategische adviesraden opdat zij hun werkzaamheden op een efficiënte en effectieve wijze kunnen vervullen.
4. Brede opdracht
Advisering mag niet in enge zin worden begrepen als louter reactieve adviesverlening naar aanleiding van min of meer uitgewerkte en concrete beleidsvoorstellen. Beleidsgerichte advisering moet ook kunnen plaatsvinden in een fase waarin een minister nog geen volledige duidelijkheid heeft over een problematiek en het beleid nog in de ontwikkelingsfase verkeert. Een strategische adviesraad moet kunnen functioneren als een klankbord, waaraan de beleidsverantwoordelijke nog onuitgewerkte ideeën voorlegt. Aanvullend brengt een proactieve en anticiperende houding van de leden een strategische adviesraad op het spoor van relevante maatschappelijke themas, en innoverende inzichten die aan de beleidsaandacht dreigen te ontsnappen. De brede taakstelling van de strategische adviesraden komt ook tot uiting in de mogelijkheid die in het decreet opgenomen wordt voor het Vlaams Parlement om in het kader van zijn decreetgevende opdracht een beroep te doen op de adviezen van strategische adviesraden. De kaderregeling in het decreet van 18 juli 2003 tot regeling van strategische adviesraden Onder voorbehoud van de toepassing van de bepalingen in
het decreet zijn de bepalingen uit de kaderregeling, vervat in het decreet van 18 juli 2003 tot regeling van strategische adviesraden, van toepassing op de Strategische Adviesraad voor het Vlaamse Welzijns-, Gezondheids- en Gezinsbeleid, hierna genoemd Strategische Adviesraad. Strategische adviesraden dienen per individueel oprichtingsdecreet te worden opgericht. Het decreet houdende de oprichting van de Strategische Adviesraad voor het Vlaamse Welzijns-, Gezondheids- en Gezinsbeleid en van een adviescommissie voor voorzieningen van welzijn, volksgezondheid en gezin houdt rekening met de verfijningen aangebracht door het decreet van 22 december 2006 tot wijziging van het decreet van 18 juli 2003 tot regeling van strategische adviesraden, van diverse oprichtingsdecreten van strategische adviesraden en van het kaderdecreet Bestuurlijk Beleid (Belgisch Staatsblad van 10 januari 2007). Top
III. Strategische Adviesraad voor het Vlaamse Welzijns-, Gezondheids- en Gezinsbeleid Voor welzijn, volksgezondheid en gezin
In het kader van het project Beter Bestuurlijk Beleid werden dertien homogene beleidsdomeinen opgericht. Het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin kent zes beleidsvelden: de gezondheidszorg, het algemeen welzijnswerk, het beleid inzake jongeren, het beleid inzake sociale en maatschappelijke integratie voor bijzondere doelgroepen, het beleid inzake kinderen en gezinnen, het beleid inzake ouderen.
Taakomschrijving
De taakomschrijving van de Strategische Adviesraad wordt breed geformuleerd. Concreet heeft de Strategische Adviesraad vier grote functies: - beleidsgericht en reactief: bijvoorbeeld wanneer een problematiek nog onvoldoende duidelijk is, of wanneer de beleidsontwikkeling nood heeft aan duiding vanuit verschillend beleidsperspectief; - proactief en anticiperend: adviseren over een thema dat nog niet wordt gevat door de beleidsdoelstellingen; - klankbord: ter toetsing van onuitgewerkte ideeën; - bemiddelend: als een beleidsproces om welke reden dan ook niet vordert, kan de Strategische Adviesraad met eigen analyses, met creatieve oplossingsrichtingen dat proces stimuleren vanuit een multidisciplinaire invalshoek. De Strategische Adviesraad brengt uit eigen beweging of op verzoek advies uit over de hoofdlijnen van het Vlaamse beleid voor welzijn, volksgezondheid en gezin. De Strategische Adviesraad volgt maatschappelijke ontwikkelingen op en interpreteert deze - ook op vlak van de behoeften, van de positie van de gebruikers, van de methodieken en instrumenten, inclusief de internationale ontwikkelingen. De Strategische Adviesraad kan uit eigen beweging advies uitbrengen wat hem in staat stelt pro-actief op te treden. Zo kan de Strategische Adviesraad conclusies aanleveren om de beleidsoriëntaties richting te geven. De Strategische Adviesraad levert reflecties over de bij het Vlaams Parlement ingediende beleidsnotas, ook aangaande aanverwante beleidsdomeinen, indien er raakpunten zijn met het beleid inzake welzijn, volksgezondheid en gezin. Voor het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin opteert de Vlaamse Regering voor één strategische adviesraad voor het hele beleidsdomein: om te voorkomen dat er verkokerde adviezen worden gegeven over maatschappelijke ontwikkelingen voor de verschillende beleidsvelden die onderling interdependent zijn. De Vlaamse Regering wil ook voor de adviesfunctie de homogeniteit van het beleidsdomein bewaren. Bindend element is de zorg, te begrijpen als de integrale, geïntegreerde en kwaliteitsvolle zorg die gezondheidszorg en welzijnszorg omvat. Het kanaal van de éne strategische adviesraad garandeert mee de intersectorale uitwisseling en toetsing van beleidsoriëntaties, zodat interessante ontwikkelingen bevruchtend kunnen werken in meerdere sectoren. De Strategische Adviesraad dient over sectoren heen het beleidspanorama Welzijn, Volksgezondheid en Gezin te overschouwen. Zo vormt de Strategische Adviesraad een representatief klankbord voor de minister, de Vlaamse Regering en het Vlaams Parlement o.m. bij het intersectoraal vergelijken van beleidslijnen. Om belangrijke maatschappelijke ontwikkelingen gerichter aan bod te laten komen voor bepaalde doelgroepen of beleidsvelden kunnen specifieke werkcommissies bij de Strategische Adviesraad een bijdrage leveren ter voorbereiding van de besluitvorming in die Adviesraad. Samenstelling en organisatie
In de Strategische Adviesraad voor het Vlaamse Welzijns-, Gezondheids- en Gezinsbeleid wordt gekozen voor de gemengde formule met vertegenwoordigers uit het maatschappelijke middenveld en onafhankelijke deskundigen. Immers: essentieel voor het voeren van een effectief beleid zijn de inbreng van de gebruikers en de inbreng van de deskundigheid vanuit het werkveld, vanuit de uitvoerders van de hulp- en dienstverlening. Kenmerkend voor de welzijns- en gezondheidssector is het uitbestedingsmodel voor de uitvoering van de kernprocessen: door de overheid erkende en gesubsidieerde organisaties verstrekken hulp, diensten en zorg aan de gebruikers. De overheid stuurt deze voorzieningen aan. Onder de aansturing door de overheid valt naast de erkenning en subsidiëring ook het toezicht. Om een kwaliteitsvolle beleidsvoorbereiding te kunnen garanderen is de inbreng van de kennis en expertise van deze organisaties en van de gebruikers ervan onontbeerlijk. De organisaties die deze twee maatschappelijke deelvelden vertegenwoordigen, dienen hun inbreng te hebben bij het uittekenen van de hoofdlijnen van het welzijns-, gezondheids- en gezinsbeleid. Belanghebbende partijen moeten worden betrokken bij de voorbereiding en evaluatie van een beleid dat zijn uitwerking krijgt in maatschappelijk gevoelige omgevingen. Vandaar de expliciete erkenning van rol en waarde van het maatschappelijke middenveld voor de adviesfunctie. Complementair daarbij is de inbreng van onafhankelijke deskundigheid. Conform de bepalingen in het kaderdecreet van 18 juli 2003 benoemt de Vlaamse Regering de leden van de Strategische Adviesraad voor het Vlaamse Welzijns-, Gezondheids- en Gezinsbeleid voor een periode van vier jaar. De voorzitter wordt door de leden aangeduid. De leden van de Strategische Adviesraad oefenen hun functie uit in volledige onafhankelijkheid van de Vlaamse overheid. De positionering kan het beste worden omschreven als constructieve loyaliteit, vanuit afstandelijkheid en onbevooroordeeldheid. Tegelijk kan de Raad van geen enkele overheid instructies ontvangen. Werking
Inzake de werking van de Strategische Adviesraad zijn de bepalingen van het hoofdstuk IV van het decreet van 18 juli 2003 tot regeling van de strategische adviesraden van toepassing onder voorbehoud van de bepalingen in
het decreet. Dat hoofdstuk gaat onder meer in op de instelling van werkcommissies, het eigen secretariaat van de strategische adviesraad en de jaarlijkse dotatie. De optie voor de inbedding van de Strategische Adviesraad in de SERV is aansluitend bij de bepalingen opgelegd door de generieke regeling voor strategische adviesraden - in sterke mate ingegeven door het streven naar kwalitatief sterke en zo efficiënt mogelijke organisatie van de adviesverlening en naar de noodzakelijke inhoudelijke en administratieve ondersteuning die dit vereist. Een strategische adviesraad beschikt over een eigen ondersteunend secretariaat. De SERV zal een secretariaat ter beschikking stellen van de Strategische Adviesraad en van de werkcommissies die hij opricht, waarbij de inhoudelijke en administratieve ondersteuning, de huisvesting en de logistieke ondersteuning worden gewaarborgd. Werkcommissies kunnen door de Adviesraad permanent of ad hoc worden ingesteld ter voorbereiding van adviezen. De Strategische Adviesraad regelt zijn werking, alsook de werking van de werkcommissies die hij opricht, in een huishoudelijk reglement dat hij meedeelt aan de Vlaamse Regering. Financiële middelen
Onder voorbehoud van de toepassing van de bepalingen in artikelen 13 en 14 van het decreet van 18 juli 2003 beschikt de SERV om de werking van de Strategische Adviesraad in al zijn aspecten mogelijk te maken over financiële middelen die deel uitmaken van zijn dotatie en van zijn eigen inkomsten. Onder meer de werking van het eigen secretariaat van de Strategische Adviesraad, de presentiegelden en de eventuele vaste vergoedingen zullen recurrent ten laste van deze dotatie moeten worden voorzien. De algemene budgettaire weerslag van het decreet kan pas exact ingeschat worden, op het ogenblik dat de Strategische Adviesraad effectief wordt opgericht. De budgettaire weerslag wordt gedetermineerd door meerdere variabelen, die relatief uiteenlopende waarden kunnen aannemen, zoals de concrete presentiegelden, de eventuele vaste vergoedingen, het aantal vergaderingen, enzovoort. Wat de inhoudelijke werking betreft, bepaalt het kaderdecreet dat de Vlaamse Regering aan de Adviesraad alle informatie ter beschikking stelt, die nodig is voor de adviesopdracht. Deze structurele informatieuitwisseling wordt veruitwendigd in een protocol tussen de Beleidsraad Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en de Strategische Adviesraad voor het Vlaamse Welzijns-, Gezondheids- en Gezinsbeleid. Daarnaast kan de Raad personeelsleden van het departement en de agentschappen van het beleidsdomein verzoeken om de nodige technische toelichting te verschaffen. Wat betreft de eigenlijke advisering, bepaalt het kaderdecreet dat de Strategische Adviesraad collegiaal beraadslaagt, volgens de procedure van de consensus. Als geen consensus wordt bereikt, wordt gestemd en wordt de stemmenverhouding in het advies vermeld. Er kan een minderheidsnota aan het advies worden toegevoegd. Ten slotte gaat het kaderdecreet van 18 juli 2003 in op de adviestermijn: in principe dertig dagen, maar daar kan gemotiveerd van worden afgeweken. In geval van spoed, die wordt gemotiveerd, kan de Vlaamse Regering de termijn inkorten zonder dat hij minder dan tien werkdagen mag bedragen. Strategische adviesraden kunnen onderling samenwerken en gezamenlijk advies uitbrengen. Programmering en verslaggeving
Voor dat item zijn de bepalingen van het kaderdecreet van 18 juli 2003 van toepassing. Zij handelen over de samenstelling van het werkprogramma en het jaarverslag. Top
IV. Adviescommissie voor voorzieningen van welzijn, volksgezondheid en gezin
Naast een strategische adviesraad richt het decreet een adviescommissie voor voorzieningen van welzijn, volksgezondheid en gezin op. De commissie heeft als opdracht advies uit te brengen over het bezwaar tegen een voornemen dat met betrekking tot een voorziening van welzijn, volksgezondheid en gezin (bv. een ziekenhuis, rusthuis, thuiszorgvoorziening, ...) of een onderdeel ervan (bv. een ziekenhuisdienst) door het departement of een agentschap van het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin wordt geuit om: - een vergunning of toelating te weigeren; - een erkenning, een verlenging of wijziging van erkenning te weigeren; - een erkenning in te trekken of te schorsen; - de voorziening of een onderdeel ervan te sluiten. De adviescommissie komt in de plaats van de Vlaamse Adviesraad voor de erkenning van verzorgingsvoorzieningen, opgericht bij het decreet van 20 december 1996, en van de adviserende beroepscommissie inzake gezins- en welzijnsaangelegenheden, opgericht bij het decreet van 15 juli 1997. Aldus wordt voor het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin slechts één adviescommissie opgericht. De commissie kan wel uit meerdere afdelingen bestaan. De decretale regeling betreffende de adviescommissie wordt opgevat als een kaderregeling die ruime uitvoeringsbevoegdheden aan de Vlaamse Regering toekent. Top
Downloads:
PDF 47 kB:
Decreet
PDF 246 kB:
Verslag bespreking
Vlaams Parlement |