| ||||
> Overzicht Gezondheidszorg > Preventieve Gezondheidszorg > Basisregelgeving
HOOFDSTUK I. -Administratieve sancties
Afdeling I. - Administratieve geldboete
Afdeling II. - Inhouding of terugvordering van subsidies
Afdeling III. - Schorsing of intrekking van de erkenning
HOOFDSTUK I. -Administratieve sancties
Afdeling I. - Administratieve geldboete
Art. 76.
§ 1. Er kan een administratieve geldboete van 100 tot 100.000 euro opgelegd
worden aan iedereen die een van de volgende verplichtingen niet naleeft :
1° toestemming krijgen voor een bevolkingsonderzoek, zoals bedoeld in artikel
31, § 2;
2° gegevens uitwisselen in het kader van het epidemiologisch informatiesysteem,
zoals bedoeld in artikel 32, § 2;
3° een identificatiecode gebruiken voor de gegevensuitwisseling, zoals bedoeld
in artikel 33;
4° zich verantwoorden of zich onderwerpen aan een toezicht, zoals bedoeld in
artikel 36;
5° meewerken aan het registratiesysteem, zoals bedoeld in artikel 43, § 3;
6° infectieziekten melden, zoals bedoeld in artikel 45, § 3;
7° aanvullende informatie meedelen aan de ambtenaar-arts en de ambtenaar, zoals
bedoeld in artikel 48.
§ 2. Het bedrag van de opgelegde administratieve geldboete wordt door de
administratie soeverein bepaald, rekening houdend met de ernst van de inbreuken
op de bepalingen.
§ 3. Deze geldboete kan pas opgelegd worden nadat :
1° de betrokkene van de administratie een schriftelijke aanmaning heeft
ontvangen om zich in regel te stellen;
2° de betrokkene in kwestie zich niet in regel heeft gesteld binnen de door de
administratie bepaalde termijn;
3° de betrokkene werd uitgenodigd om gehoord te worden door de administratie.
§ 4. De Vlaamse regering bepaalt de nadere regels voor het opleggen en het
betalen van de administratieve geldboete. Ze wijst de ambtenaren aan die de
geldboete kunnen opleggen.
§ 5. Indien een geldboete niet betaald wordt, wordt de geldboete bij dwangbevel
ingevorderd. De Vlaamse regering wijst de ambtenaren aan die een dwangbevel
kunnen geven en uitvoerbaar verklaren. Een dwangbevel wordt betekend bij
deurwaardersexploot met bevel tot betaling.
§ 6. De vordering tot voldoening van een administratieve geldboete verjaart na
verloop van vijf jaar, te rekenen vanaf de dag waarop ze is ontstaan. De
verjaring wordt gestuit op de wijze en onder de voorwaarden, bepaald in artikel
2244 en volgende van het Burgerlijk Wetboek.
Afdeling II. - Inhouding of terugvordering van subsidies
Art. 77.
§ 1. De subsidie kan geheel of gedeeltelijk ingehouden of teruggevorderd worden
als :
1° geen bijzondere aandacht wordt besteed aan de bevolkingsgroepen en de
toegankelijkheid, zoals bedoeld in artikel 7;
2° geen medewerking wordt verleend aan de realisatie van de
gezondheidsdoelstellingen, zoals bedoeld in artikel 19, § 1;
3° het Logo niet handelt conform artikel 30, § 3, tweede lid;
4° de subsidies worden aangewend voor andere opdrachten dan die welke bedoeld
worden in artikel 37;
5° de verplichting tot het kenbaar maken van andere financiėle middelen, zoals
bedoeld in artikel 38, § 1, niet wordt nageleefd.
§ 2. Het bedrag van de inhouding of terugvordering van de subsidie wordt door
de administratie soeverein bepaald, rekening houdend met de ernst van de
inbreuken op die bepalingen.
§ 3. De inhouding of terugvordering van de subsidie kan pas uitgevoerd worden
nadat :
1° de betrokkene van de administratie een schriftelijke aanmaning heeft
ontvangen om zich in regel te stellen;
2° de betrokkene in kwestie zich niet in regel heeft gesteld binnen de door de
administratie bepaalde termijn;
3° de betrokkene werd uitgenodigd om gehoord te worden door de administratie.
Afdeling III. - Schorsing of intrekking van de erkenning
Art. 78.
§ 1. Een erkenning van een Logo, een partnerorganisatie, een organisatie met
terreinwerking of een individuele zorgaanbieder kan geschorst of ingetrokken
worden als ze niet of niet meer voldoen aan de verplichtingen die voortvloeien
uit dit decreet.
§ 2. Een erkenning kan pas geschorst of ingetrokken worden nadat :
1° de betrokkene van de administratie een schriftelijke aanmaning heeft
ontvangen om zich in regel te stellen;
2° de betrokkene in kwestie zich niet in regel heeft gesteld binnen de door de
administratie bepaalde termijn;
3° de betrokkene werd uitgenodigd om gehoord te worden door de administratie.
Art. 79.
Onverminderd de toepassing van de in het Strafwetboek gestelde straffen, worden
gestraft met een geldboete van 1 tot 500 euro en met een gevangenisstraf van
acht dagen tot zes maanden of met een van deze straffen alleen :
1° degenen die geen gevolg geven aan de dwangmaatregelen, bedoeld in artikel
41, § 1, § 5 en § 6, en artikel 47, of die de uitvoering of naleving ervan
verhinderen of belemmeren;
2° degenen die de toegang, bedoeld in artikel 41, § 3, en in artikel 46, 2°,
verhinderen of belemmeren;
3° degenen die de uitoefening van de bevoegdheden van de ambtenaar verhinderen
of belemmeren of die de ambtenaar verhinderen of belemmeren bij de uitvoering
van artikel 41, § 4 en 46, 3°;
4° degenen die de beslissing na beroep, vermeld in artikel 81, § 3, niet
uitvoeren of niet naleven, of die de uitvoering of de naleving ervan verhinderen
of belemmeren.
![]()