Sla navigatie over
Vlaanderen.be - uw wegwijzer binnen de Vlaamse overheid
startpagina | contact | sitemap integrale jeugdhulp  | zoek
 
 

 

 



Sector CLB

FAQ's

Geldt dit ook voor ouders? Hebben zij ook recht op afschrift over de info die over henzelf gaat?

Kan een GON-begeleider onder toepassing van zijn ambtsgeheim vertrouwelijke informatie m.b.t. de leerling bespreken met de directie waar de leerling les volgt? Of met zijn eigen directie?

 

Volgens de Decreten Rechtpositie in het onderwijs heeft onderwijspersoneel een ambtsgeheim.
Het ambtsgeheim of de discretieplicht wordt in de rechtsleer omschreven als "de verplichting om bij het uitoefenen van een functie of ambt geen gegevens vrij te geven aan anderen dan diegenen die gerechtigd zijn er
kennis van te nemen".

Onder toepassing van hun ambtsgeheim kunnen GON-begeleiders vertrouwelijke informatie over de leerlingen die ze begeleiden delen met hun eigen
directie (en collega's). Er wordt immers vertrokken vanuit het standpunt dat dragers van een discretieplicht/ambtsgeheim niet ten persoonlijke titel informatie krijgen
meegedeeld, maar in naam van de dienst waarvoor zij werken. Het logische gevolg is dan het bestaan van een 'intern spreekrecht': met het oog op de verbetering van de organisatie, de werking van de dienst en de
persoonlijke ambtsuitoefening heeft elk personeelslid het recht en zelfs de plicht om informatie uit te wisselen met collega's, ondergeschikten en hiŽrarchisch meerderen.

Mťt toestemming van de ouders van de leerling, en van de bekwame leerling zelf, kan daarnaast natuurlijk ook informatie uitgewisseld worden tussen de GON-begeleiding en andere derden, zoals bv. de school waar de leerling
les volgt. En aangezien er n.a.v. een GON-begeleiding steeds een integratieplan (= een handelingsgerichte engagementsverklaring die essentiŽle gegevens bevat en voor een bepaalde periode wordt opgesteld) moet opgesteld worden met
daarin o.a. het gemeenschappelijk akkoord van het integratieteam voor de begeleiding, kunnen we ervan uitgaan dat er steeds toestemming zal zijn voor het uitwisselen van informatie tussen de GON-begeleiding en de directie van de school waar de leerling les volgt.

 

Terug naar vragenlijst

Is er samenwerking mogelijk over de spijbelproblematiek tussen de politie en het CLB?

 

Op vlak van de spijbelproblematiek kan er samenwerking plaatsvinden tussen de school en politie (en parket) in het kader van de naleving van de leerplichtwet omdat onderwijspersoneel (in principe) geen beroepsgeheim heeft.
Hierover wordt het een en ander geregeld in de ministeriŽle omzendbrief PLP 41 van 7 juli 2006 tot versterking en/of bijsturing van het lokaal veiligheidsbeleid en de specifieke aanpak van de jeugdcriminaliteit. Meer info over dergelijke samenwerking en deze omzendbrief vindt men terug
via : http://www.ond.vlaanderen.be/leerplicht/actoren/politie/default.htm

Er kan echter geen samenwerking zijn tussen CLB en politie op vlak van spijbelen. CLB-medewerkers hebben immers beroepsgeheim. En er kan geen sprake zijn van 'gedeeld beroepsgeheim' met de politie omdat
er in deze situatie vanuit een andere context gewerkt wordt (vrijwillige hulpverlening - justitie).
Enkel indien er sprake zou zijn van een 'noodtoestand' (of indien er specifieke regelgeving zou komen die dit toelaat) kan er vertrouwelijke informatie uitgewisseld worden tussen CLB en politie zonder de toestemming van de bekwame leerling, of van de ouders van onbekwame leerlingen.

Terug naar vragenlijst

 

Hebben wij toestemming nodig van de vader om een begeleiding te kunnen starten voor een baby van 5 maanden op vraag van de moeder.

 

Als jullie er geen weet van hebben dat de vader uitdrukkelijk niet akkoord gaat met een begeleiding, kunnen jullie op vraag van de moeder van start gaan:

1.A. Wanneer er sprake is van CO-OUDERSCHAP (gangbare situatie in BelgiŽ) dan moeten ouders SAMEN beslissen.Gaat ťťn van hen niet akkoord met bv. de begeleiding door een dienst dan kan de begeleiding niet plaatsvinden.

!! Ten aanzien van derden ter goeder trouw speelt hierbij het vermoeden uit art. 373 B.W.:

=> derden ter goeder trouw mogen er van uitgaan dat een vraag/beslissing van ťťn ouder gesteld/genomen is mťt toestemming van de andere ouder.

-> Wanneer derden dus gťťn weet hebben van een conflict tussen beide ouders rond een bepaalde kwestie,kunnen zij wel degelijk ingaan op een verzoek vanwege ťťn ouder van een onbekwame minderjarige (zelfs wanneer ouders gescheiden zijn of niet samenwonen). Men heeft de expliciete toestemming van de andere ouder hiervoor dus niet nodig.

-> Wanneer derden wel weet hebben van conflicten tussen beide ouders m.b.t. een bepaalde kwestie, zijn ze niet meer ter goeder trouw zoals waarvan sprake in het vermoeden dat de wet invoert. Dan heeft men wel de expliciete toestemming van allebei de ouders nodig. Indien men deze niet krijgt, kan men niets ondernemen. Tenzij een van de ouders een procedure zou opstarten bij de rechter om zijn toestemming te verkrijgen.

1.B. Wanneer er sprake zou zijn van EXCLUSIEF OUDERLIJK GEZAG (= zeer uitzonderlijke situatie in BelgiŽ en moet steeds voorzien worden door een vonnis) van ťťn van beide ouders kan deze ouder alleen beslissingen nemen. Wanneer de andere ouder dan niet akkoord is, moet hij hiervoor naar de rechter stappen om de beslissing van de ouder met exclusief ouderlijk gezag ongedaan te laten maken.

 

 

 

Er staat in DRP dat minderjarigen recht hebben op een afschrift uit het dossier van hetgeen waar zij door inzage recht op hebben. Geldt dit ook voor ouders? Hebben zij ook recht op afschrift over de info die over henzelf gaat?

Ouders hebben recht op een afschrift van de informatie waartoe zij toegang krijgen als wettelijke vertegenwoordiger van hun onbekwaam minderjarig kind.  Wanneer zij enkel toegangsrecht hebben ten persoonlijke titel vanuit de Wet Verwerking Persoonsgegevens hebben zij geen recht op inzage of op een afschrift. Er wordt enkel een toegangsrecht voorzien. De verwerker kan zelf beslissen hoe hij dit invult.

 

Terug naar vragenlijst

 

Wanneer men bepaalde zaken in het dossier bij agogische exceptie onderbrengt, kunnen deze in een afzonderlijke gesloten omslag in het dossier bewaard worden? of waar moeten deze bewaard worden?

Daar wordt niets over gezegd in de regelgeving. De organisatie kan dus zelf beslissen hoe ze deze informatie in het dossier wil bewaren of markeren als ontoegankelijk vanwege de exceptie.

Terug naar vragenlijst

 

Mag een medisch verslag of een verslag van bijvoorbeeld een revalidatiecentrum (meegetekend door een arts) aan het protocol voor buitengewoon onderwijs worden gevoegd na schriftelijke toestemming van de ouders?

 

Alle hulpverleners van het CLB-team zijn, zoals u wellicht weet, dragers van het beroepsgeheim op basis van art. 458 Strawetboek, art. 11 CLB-Decreet en art. 8 Kaderdecreet integrale jeugdhulp. Dit betekent dat deze hulpverleners vertrouwelijke informatie over hun cliŽnten in principe niet mogen delen met derden tenzij hier een geldige, en meestal wettelijke, reden voor bestaat, zoals bv. een getuigenis voor een rechter, een noodtoestand, de toepassing van het gedeeld beroepsgeheim uit het decreet integrale jeugdhulp, een andere wettelijke verplichting,...

Van gedeeld beroepsgeheim zou er in de door u voorgelegde situatie normaal geen sprake kunnen zijn, omdat personeelsleden van het onderwijs geen beroepsgeheim hebben. (Scholen zijn geen hulpverlenende voorzieningen.
Onderwijspersoneel is daarom in principe niet gebonden door het beroepsgeheim. Deze personeelsleden vallen volgens de toepasselijke regelgeving enkel onder het ambtsgeheim/discretieplicht.)

Maar art. 36 CLB-decreet en artikel 9 CLB-Besluit maken hierop een uitzondering en laten toe dat het CLB relevante informatie doorgeeft aan de school. (Datzelfde Besluitsartikel stelt bovendien dat het CLB ook aan anderen dan de school informatie mag doorgeven, maar dit enkel mťt toestemming van de minderjarige wanneer die 14 jaar of ouder is, of die
van zijn ouders wanneer hij jonger is.)
Omdat er echter sprake is van 'relevantie informatie-uitwisseling', wat een ruime en vage omschrijving is, is het aan te raden om zich, zeker als geheimplichtige, zorgvuldig en terughoudend op te stellen. Het lijkt gepast om pas gegevens uit te wisselen indien dit echt nodig is, waarbij de aard en de hoeveelheid van de uitgewisselde gegevens in verhouding staan tot de noodzaak (cf. need to know versus nice to know).

CONCLUSIE:


Omdat uitzonderingen op het beroepsgeheim steeds beperkt moeten worden geÔnterpreteerd ťn omdat men niet op voorhand kan inschatten hoe de rechter over het doorbreken van het beroepsgeheim zou oordelen bij een eventuele vervolging, is het raadzaam om informatie zoveel mogelijk via de cliŽnt zelf door te laten stromen naar derden.
Maar volgens ons kan het CLB wel degelijk een medisch verslag, of een verslag van een revalidatiecentrum doorgeven met het protocol buitengewoon onderwijs indien dit relevante informatie is voor de school zoals bedoeld in de art. 36 van het CLB-Decreet en art.9 CLB-Besluit.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Heeft een psycholoog werkzaam binnen de school die uitsluitend therapie geeft aan jongeren beroepsgeheim of ambtsgeheim?

 

Volgens mij heeft deze psycholoog zowel een beroepsgeheim (omdat hij noodzakelijke vertrouwensfiguur is voor de kinderen aan wie hij therapie geeft. Zij moeten hem in vertrouwen nemen als ze de hulp willen krijgen die ze van hem als psycholoog verwachten) als een ambtsgeheim (omdat werkzaam in onderwijssector).

Dit betekent dat deze persoon eventueel strafrechtelijk kan vervolgd worden wanneer hij zijn beroepsgeheim schendt, en tuchtrechtelijk vervolgd kan worden wanneer hij informatie doorgeeft aan derden en daarmee de belangen van de school schendt. 

 

Terug naar vragenlijst

 

 

   

Hoe zit het met de coŲrdinatoren verbonden aan de school die de intake gesprekken met de ouders doen voor de leerlingen die niet verbonden zijn aan het MPI. Hebben zij ook beroepsgeheim?

 

Tenslotte vernemen zij vertrouwelijke informatie in hoofde van hun beroep. 

Het (strafrechtelijk gesanctioneerd) beroepsgeheim kan enkel opgelegd worden bij wet of decreet.

 

Basisartikel 458 Strafwetboek voorziet een beroepsgeheim voor iedereen die naar aanleiding van hun beroep kennis krijgen van geheimen die hen worden toevertrouwd. Het Hof van Cassatie stelde hierbij dat het moest gaan om personen die optreden als noodzakelijke vertouwensfiguren. Meer bepaald personen die cliŽnten/patiŽnten moeten in vertrouwen nemen wanneer zij de hulp willen krijgen die ze van deze hulpverleners verwachten.

Daarnaast stelt bv. het Decreet op de integrale jeugdhulp dat iedereen die zijn medewerking verleent aan de uitvoering van dit decreet gebonden is aan een beroepsgeheim. (Dus bv. ook de bijstandspersonen die eventueel ook personen kunnen zijn die eigenlijk niet gebonden zijn aan beroepsgeheim.)

Voor de onderwijssector bestaan (nog) geen wetten of decreten die het beroepsgeheim uitbreiden. Daardoor hebben personen die in de onderwijssector werken en die normaal geen beroepsgeheim hebben (leerkrachten (ook zogenaamde vertrouwensleerkrachten), directie, coŲrindatoren,...) enkel een ambtsgeheim.

Terug naar vragenlijst

 

 

Hoe omgaan met beroepsgeheim in multidisciplinair team van CLB's?  

Art.11 CLB decreet voorziet dat alle leden van het CLB team gebonden zijn door het beroepsgeheim. Daardoor kan het gezamenlijk beroepsgeheim in bepaalde gevallen toepassing kennen.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Personeelsleden onderwijs hebben in principe geen beroepsgeheim. Maar wat als ze optreden als bijstandspersoon van de mj?

Dan hebben ze beroepsgeheim door toepassing Decreet IJH

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Wat is het toepassingsgebied van het DRP voor wat de onderwijssector betreft?

De regels uit het DRP zijn gemaakt voor de hulpverlenende opdracht van het CLB. Scholen zijn dus niet gevat door het decreet.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Zorgt het DRP nu voor een vrije studie- of schoolkeuze vanaf 12 jaar?

Het DRP regelt de rechten van minderjarigen t.a.v. jeugdhulpaanbieders. De studie- en/of schoolkeuze van een minderjarige valt dus buiten het toepassingsgebied van het DRP.
Een vrije studie- en schoolkeuze is echter wel ingeschreven in het Decreet betreffende gelijke onderwijskansen (B.S.14/09/2002). Artikel III.1.ß 1. stelt nl. dat :  "Elke leerling heeft recht op inschrijving in de school of vestigingsplaats, gekozen door zijn ouders. Is de leerling 12 jaar of ouder, dan gebeurt de schoolkeuze in samenspraak met de leerling. Bij de keuze van vestigingsplaats wordt rekening gehouden met het aanwezige onderwijsaanbod."

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Moet het CLB voor het toedienen van vaccinaties de toestemming van de leerling vragen en niet meer de toestemming van de ouders?

Voor het toedienen van vaccinaties is de toestemming van de ouders nodig. Pas vanaf 18 jaar kan de jongere zelf zijn toestemming geven.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Kan een minderjarige een medisch onderzoek weigeren?

Ouders of de minderjarige vanaf 12 jaar kunnen zich verzetten tegen een algemeen of gericht medisch consult door een bepaalde arts van het centrum. Het consult wordt dan uitgevoerd door een andere arts van hetzelfde centrum ofwel door een arts van een centrum naar keuze, ofwel door een arts die niet tot een centrum behoort.
Het verzet moet schriftelijk gebeuren en gericht zijn aan de directeur van het centrum. Hoewel dit in de praktijk vaak aan de hand van een invulformulier gebeurt, moet dit verzet in principe aangetekend of tegen aangifte van een ontvangstbewijs bezorgd worden.
Het consult moet binnen de termijn van 90 dagen uitgevoerd worden en het verslag van dit consult moet door de betrokken arts binnen de 15 dagen na datum van het consult aan de de arts van het centrum die de school van de betrokken leerling begeleidt, bezorgd worden.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Kan een hulpverlener uit het CLB dienst doen als bijstandspersoon?

Ja, maar enkel indien hij/zij niet rechtstreeks betrokken is bij de jeugdhulp ťn indien deze medewerker op ondubbelzinnige wijze door de minderjarige aangewezen werd als bijstandspersoon.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Een bekwame minderjarige geeft toestemming tot inzage in het dossier aan ťťn der ouders, die het dossier samen met een advocaat komt inkijken. Kan dit? En voor welke gegevens?

Art.22 van het DRP dat het recht op toegang tot het dossier voorziet, geldt enkel voor de minderjarige.

Het geldt dus in principe NIET voor de jeugdhulpcliŽnt die 18 is geworden of voor bijvoorbeeld de ouders van de minderjarige.

 

De ouders van een minderjarige (maar ook alle derden waarover iets in het dossier opgenomen is) hebben volgens de wet verwerking persoonsgegevens vanuit zichzelf wel toegang tot deze stukken uit het dossier van de minderjarige die enkel over henzelf gaan.

 

Vanuit het DRP hebben ze, indien hun minderjarige kind onbekwaam is, bovendien ook toegang tot deze stukken waartoe de minderjarige toegang zou krijgen indien hij bekwaam zou geweest zijn.

Met uitzondering van de contextuele gegevens waarbij een ouder enkel toegang krijgt tot deze contextuele gegevens die hemzelf ťn het minderjarige kind betreffen, ťn van die gegevens waarvan de minderjarige zich tegen de toegang verzet heeft.

 

 

Wat indien deze bekwame minderjarige geen uitdrukkelijke toestemming had gegeven, doch ook geen verzet had aangetekend?

Dan kan dit niet.

De algemene regel is dat ouders geen toegang hebben tot het dossier van een bekwame minderjarige. (met uitzondering van de gegevens die enkel zichzelf betrekken want daar hebben ze toegang toe op basis van de wet verwerking persoonsgegevens.)

Uitzonderingen op deze algemene regel kunnen slechts voorkomen mťt uitdrukkelijke toestemming van de bekwame minderjarige.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Een bekwame minderjarige geeft toestemming tot inzage in het dossier aan ťťn der ouders, die het dossier samen met een advocaat komt inkijken. Kan dit? En voor welke gegevens?

 

Volgens ons moet dit inderdaad kunnen wanneer een bekwame minderjarige hier uitdrukkelijk toestemming voor geeft. Dit wordt echter niet uitdrukkelijk door het DRP voorzien. Of het in de praktijk ook aanvaard zal worden dat ouders van een bekwame minderjarige toegang krijgen tot (bepaalde gegevens uit) het dossier, zal dus beslist worden door de jeugdhulpverleners in een concrete situatie of later misschien door de magistratuur wanneer hierrond procedures zouden gevoerd worden.

 

Wanneer een ouder toch toegang krijgt, zal hij toegang krijgen tot deze gegevens waartoe de bekwame minderjarige zelf toegang heeft, met uitzondering van de contextuele gegevens waarbij een ouder enkel toegang krijgt tot deze contextuele gegevens die hemzelf ťn het minderjarige kind betreffen.

 

Wat indien deze bekwame minderjarige geen uitdrukkelijke toestemming had gegeven, doch ook geen verzet had aangetekend?

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Heeft de minderjarige al dan niet toegang tot zijn gezondheidsgegevens  die in een aparte kaftje worden bijgehouden?

 

Het recht op toegang van de minderjarige tot zijn gezondheidsgegevens die apart bijgehouden worden, wordt geregeld door de Wet op de rechten van de patiŽnt.

De wet betreffende de rechten van de patiŽnt regelt het recht op toegang tot het dossier in artikel 9 ß2. Artikel 9 bepaalt dat de patiŽnt het recht heeft op inzage in het hem betreffend patiŽntendossier. Wanneer hij inzage vraagt, moet zo snel mogelijk en ten laatste binnen de vijftien dagen gevolg gegeven worden aan zijn verzoek. De patiŽnt kan ook een afschrift vragen van zijn dossier, of van het deel van het deel dat over hem gaat.

Op dit inzagerecht bestaan enkele uitzonderingen:

-         Persoonlijke notities van de beroepsbeoefenaar

Hierop wordt ťťn uitzondering voorzien: indien de patiŽnt zich laat bijstaan door een vertrouwenspersoon die ook een beroepsbeoefenaar in de gezondheidszorg is, heeft deze wel inzagerecht in de persoonlijke notities.

-         Gegevens die betrekking hebben op derden

-         Therapeutische exceptie
Mits het in acht nemen van een aantal voorwaarden, kan de beroepsbeoefenaar beslissen dat bepaalde informatie niet aan de patiŽnt meegedeeld wordt.

 

Artikel 12 regelt de toepassing van de wet voor minderjarigen. De rechten opgenomen in de Wet op de patiŽntenrechten worden bij een minderjarige patiŽnt uitgeoefend door zijn ouders of andere wettelijke vertegenwoordigers. De minderjarige kan zelf zijn rechten als patiŽnt uitoefenen wanneer blijkt dat hij tot een redelijke beoordeling van zijn belangen in staat is.

 

Gezien de afwezigheid van een regeling inzake de leeftijd in de wet op de patiŽntenrechten is de beoordeling van de bekwaamheid sterk afhankelijk van de betrokken beroepsbeoefenaar. Daardoor komt er, bij weigering door de medicus om de minderjarige die bekwaamheid toe te kennen, een zware bewijslast bij de minderjarige patiŽnt te liggen die zijn competentie moet bewijzen. In die zin is de bepaling uit de wet patiŽntenrechten relatief zwakker dan artikel 4 uit het decreet rechtspositie (bekwaamheid van de minderjarige).

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Hoe moet de ‘bekwaamheid’ van de minderjarige bepaald worden?

Als uitgangspunt geldt dat de minderjarige in principe, de rechten opgesomd in dit decreet zelfstandig kan uitoefenen. De meerderheid van de rechten die dit decreet toekent, kunnen in regel worden uitgeoefend door feitelijke handelingen van de minderjarige.

Een bijzondere regeling geldt voor de instemming met de jeugdhulp, uitoefening van het recht op toegang tot het dossier en het recht om te weigeren gescheiden te worden van zijn ouders. Hij/zij kan deze rechten zelfstandig uitoefenen op voorwaarde dat hij/zij tot een redelijke beoordeling van zijn belangen in staat is, rekening houdend met zijn leeftijd en maturiteit. De minderjarige van 12 jaar of ouder wordt vermoed in staat te zijn tot een redelijke beoordeling van zijn belangen.

Als minimumvereiste kan daarbij gehanteerd worden dat de minderjarige in staat is om in te schatten wat de gevolgen zijn van het al of niet instemmen met jeugdhulp of van de kennisname van zijn dossier.

Het gaat om een weerlegbaar vermoeden. De individuele CLB-medewerker, bij voorkeur na ruggespraak met het MDT, dient uiteindelijk te oordelen, in dialoog met de minderjarige en de ouders, over de competentie van de minderjarige. 

 

 Terug naar vragenlijst

 

 

Welke rechten heeft een leerling jonger dan 12 jaar die bekwaam geacht wordt?

Deze leerling verkrijgt de rechten van een bekwaam geachte minderjarige en kan  deze rechten zelfstandig uitoefenen; recht op toestemming, recht op toegang en recht om niet gescheiden te worden van zijn ouders.

 

 Terug naar vragenlijst

 

 

Hoe bepaal je de bekwaamheid van een leerling uit het BuO?

Dit wordt in dialoog met de minderjarige en zijn ouders vastgesteld.

 

 Terug naar vragenlijst

 

 

Kan de verplichte leerlingbegeleiding geweigerd worden?

De verplichte leerplichtbegeleiding werd gemoduleerd binnen het hulpverleningsaanbod van de CLB-sector en valt niettegenstaande het verplicht karakter (verplichting tot aanbieden) binnen het domein van Integrale Jeugdhulp.

De leerling dient hierbij niet om instemming gevraagd te worden. Hij/Zij kan wel weigeren om zijn/haar medewerking te verlenen. Het is dan de taak van de CLB-medewerker om te proberen via dialoog toch de medewerking en de instemming van de leerling te bekomen. Het uitgebreid en op begrijpelijke manier informeren van de leerling is hierbij cruciaal: deze informatie moet de leerling in staat stellen inzicht te verwerven in de voordelen en/of noodzaak van de hulpverlening en in de voorgestelde oplossingsstrategieŽn om uiteindelijk mee te kunnen instemmen met het begeleidingsaanbod. 

De gegevens verzameld tijdens deze verplichte begeleiding zullen opgenomen worden in het multidisciplinair dossier. De leerling zal toegang hebben tot deze gegevens conform de regels van het Besluit van de Vlaamse regering betreffende het multidisciplinair dossier.

 

 Terug naar vragenlijst

 

 

Mag de weigering van de leerling tot begeleiding in het dossier opgenomen worden?

Ja. Ook de aangebrachte motivatie wordt bij voorkeur genoteerd.

 

 Terug naar vragenlijst

 

 

Kan een multidisciplinair overleg geweigerd worden?

Nee, enkel een aangeboden leerlingbegeleiding kan geweigerd worden.

 

 Terug naar vragenlijst

 

 

Kan een minderjarige een medisch consult weigeren?

Medische consulten vallen niet onder regelgeving van Integrale Jeugdhulp. Conform het CLB-decreet, art 30, ß2 kunnen de ouders of de leerling (vanaf 12 jaar) zich verzetten tegen het uitvoeren van een algemeen of gericht consult door een bepaalde arts van het centrum. In dit geval wordt het consult uitgevoerd door ofwel een andere arts van hetzelfde centrum ofwel door een arts van een centrum naar keuze ofwel door een arts die niet tot een centrum behoort, maar wel in het bezit is van het hiertoe door de regering bepaalde bekwaamheidsbewijs.

 

 Terug naar vragenlijst

 

 

Wat indien een leerling in een crisissituatie de begeleiding weigert?

Indien een leerling in een crisissituatie een aangeboden begeleiding weigert en vraagt om zijn ouders niet te informeren, moet de CLB-medewerker dit in principe respecteren.

Indien de situatie echter een noodsituatie is, mag de CLB-medewerker in het belang van de leerling wel bijkomende acties ondernemen of eventueel de ouders inlichten.

 Terug naar vragenlijst

 

 

Kan een school een CLB-begeleiding opleggen ten aanzien van een leerling met gedragsproblemen?

In principe kan dit niet, want de CLB-begeleiding valt onder de vrijwillige hulpverlening.

Indien een school, na afspraak met het CLB, deze voorwaarde echter opneemt in een contract met de leerling, zal het CLB een aanbod tot begeleiding formuleren. De leerling blijft dan nog steeds vrij om hiermee in te stemmen. De leerling dient duidelijk geÔnformeerd te worden over de consequenties van een weigering. Het CLB maakt hier best goede afspraken met de school en dient duidelijk te stellen dat deze ‘verplichte’ begeleiding niet resultaatgebonden kan zijn.

 Terug naar vragenlijst

 

 

Moet een CLB-medewerker aan alle leerlingen van de school de rechten en plichten uit het Decreet Rechtspositie duiden?

Het recht op informatie uit het Decreet Rechtspositie impliceert een actieve informatieplicht voor elk CLB. Ook het CLB-decreet beschrijft in art 7 en 16 de informatieopdracht van het CLB. Wanneer je dit recht op informatie kadert in een begeleiding, lijkt dit recht meer vanzelfsprekend … Alle begeleidingsstrategieŽn voorzien in een dergelijke informatiefase. De informatieopdracht zal echter niet steeds dezelfde omvang hebben.

 

Voor leerlingen die geen CLB-begeleiding krijgen en waarvoor geen multidisciplinair dossier werd aangemaakt, volstaat de informatiebrochure of informatiefolder die overhandigd wordt bij de inschrijving in een school. Het is belangrijk om hier ook aandacht te besteden aan het opstellen van een CLB-folder (brochure) in een begrijpelijke taal al naargelang de doelgroep. (Cfr Folders Decreet Rechtspositie Minderjarige)

 

Bij het effectief opstarten van een individuele CLB-begeleiding dient de toepasselijke informatie opnieuw geduid te worden. Hier is het belangrijk om bij het eerste contact de leerling uitvoerig te informeren - in een voor hem begrijpbare taal - over het CLB-aanbod en hoe dit kan sporen met zijn/haar verwachtingen. De leerling moet ook geÔnformeerd worden over het verloop van de CLB-begeleiding, wat er met de verkregen informatie wordt aangevat, op welke wijze de leerling betrokken blijft bij de begeleiding, de mogelijkheid tot bijstand … Hierbij kan teruggegrepen worden naar de folders opgemaakt door Integrale Jeugdhulp waarin de rechten van de minderjarige in de jeugdhulp in een voor elke doelgroep begrijpelijke taal beschreven worden.

Daarenboven moet de CLB-medewerker in de daaropvolgende contactmomenten op regelmatige tijdstippen verdere informatie en toelichtingen verschaffen en dit zonder voorafgaande vraag van de leerling zelf.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

In welke taal dienen anderstalige leerlingen hun recht op informatie te krijgen? Kan een leerling een vertaling van het dossier eisen?

De CLB-medewerker dient de leerling te informeren over zijn rechten en plichten in een voor de leerling begrijpbare taal. Dit impliceert dat de informatie in principe vertaald zou moeten worden voor anderstalige leerlingen. Volgens de organisatorische mogelijkheden van de instelling, dient daar maximaal aan tegemoet gekomen te worden. Er kan echter geen verplichting opgelegd worden aan een voorziening om bijv. een tolk ter beschikking te stellen. Enige tijd geleden was er de intentie om dit in een BVR vast te leggen, doch wegens de financiŽle implicaties kan dit nog niet gerealiseerd worden.

Momenteel zijn er geen vertalingen van de brochures met betrekking tot de rechten van de minderjarige in de jeugdhulp beschikbaar.

Opgelet wanneer je eventueel een familielid als tolk laat fungeren: i.f.v. de eigen cultuur bestaat de kans dat bepaalde elementen worden toegevoegd of weggelaten.

In combinatie met het recht op communicatie op maat van de leerling zal ook verantwoord omgegaan moeten worden met de taal waarin gegevens neergeschreven worden. Hoe moeilijker de gebruikte dossiertaal, hoe meer energie er zal moeten besteed worden aan de noodzakelijke toelichting waarop de minderjarige recht heeft.

Terug naar vragenlijst

 

 

Kan een leerling aanwezigheid claimen op een integratieteam (GON)?

Dit behoort niet tot het domein van de jeugdhulpverlening, maar wel tot de onderwijsregelgeving. Een leerling kan wel de vraag stellen, doch kan geen aanwezigheid claimen.  Ook het CLB kan de leerling uitnodigen, maar de leerling kan weigeren hierop in te gaan.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Welke acties moet het CLB ondernemen met betrekking tot het recht op participatie ?

Recht op participatie houdt in mee beslissen, mee uitvoeren en mee evalueren. Dit noodzaakt het creŽren van gelijke participatie kansen.: d.w.z. de minderjarige cliŽnt beschouwen als een evenwaardige partner. Aan deze partner moeten voldoende mogelijkheden en waarborgen geboden worden m.b.t. het meebepalen van het hulpverleningsproces.

In de CLB-praktijk wordt al op verschillende niveaus participatief gewerkt met leerlingen.

Op individueel niveau is de participatiegedachte ingebed bij het bepalen en uitvoeren van de individuele leerlingbegeleiding: het is de taak van de procesbegeleider om de rechten van de cliŽnt te waarborgen.

Op collectief niveau moet ernaar gestreefd worden om gemeenschappelijke vragen/problemen op te lossen via het participatief werken in klasverband. Daarnaast kunnen leerlingen ook via de centrumraad betrokken worden bij de uitvoering/evaluatie van de  leerlingbegeleiding. Hierbij kan de vraag gesteld worden in welke mate het realiseerbaar is om ook hier een vertegenwoordiging van de leerlingen te voorzien.   

De leerlingenraad op school kan een uitgelezen platform zijn om de leerlingen actief te laten participeren aan de organisatorische aspecten van de leerlingenbegeleiding. De organisatie van de CLB-begeleiding zou bijvoorbeeld een jaarlijks terugkerende thema kunnen zijn.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Wat met de multidisciplinaire dossiers die niet opgebouwd zijn in de geest van het Decreet Rechtspositie?

Het is niet de bedoeling dat elk centrum alle ‘oude’ dossier systematisch volledig nakijkt, maar wel dat bij een vraag tot toegang het dossier wordt nagekeken, rekening houdend met de bepalingen van het Decreet Rechtspositie (deze overweging gemaakt wordt bij uitoefening van het recht op toegang en inzage)

Het zal de taak van de CLB-medewerker zijn om, uitgaande van de filosofie van het Decreet Rechtspositie, zelf te oordelen welke gegevens volledig toegankelijk kunnen worden gesteld en welke niet.

In de praktijk werd in het verleden vaak onbewust de afweging gemaakt welke gegevens mogen vrijgegeven worden en welke niet (cfr. de afweging die in het verleden werd gemaakt wanneer men door middel van een gesprek informatie gaf over de aanwezige dossierelementen).

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Wat wordt precies bedoeld met ‘relevante dossiergegevens’ ?

Het is de taak van de hulpverlener om dit op basis van de eigen professionaliteit te bepalen. De CLB-medewerker kan zich hierbij steeds laten ondersteunen door zijn/haar MDT. Als er twijfel is, zal de rechtstreeks betrokken hulpverlener in eer en geweten zijn verantwoordelijkheid opnemen.

Het gaat hier niet alleen om gegevens die heden te dage relevant zijn. Indien gegevens vroeger relevant waren en in de toekomst mogelijks opnieuw een relevante rol kunnen spelen of indien gegevens momenteel niet relevant zijn doch dit in de toekomst wellicht kunnen worden, dan dienen deze gegevens verder opgeslagen te blijven in het dossier.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Hoe zal de inspectie de dossiers bekijken? Moeten de oude dossiers allemaal geherstructureerd worden?

Er zal gekeken worden naar de inspanningen die een centrum doet om het Decreet Rechtspositie te implementeren in de werking van het centrum. De informatie opgenomen in ‘oude dossiers’ moet geherstructureerd worden (de informatie moet getrieerd worden) n.a.v. een vraag m.b.t. de uitoefening van een recht op toegang of inzage. Nieuw opgemaakte dossiers dienen geleidelijk aan dusdanig gestructureerd te worden dat ze een vlotte toepassing van de principes m.b.t. toegang en inzage uit het Decreet Rechtspositie Minderjarige mogelijk maken.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Tot welke gegevens heeft een ouder van een MJ jonger dan 12jaar toegang?

De ouder(s) van een onbekwaam geachte jongere jonger dan 12 jaar, heeft toegang tot het dossier. Hij kan echter enkel deze gegevens inkijken die betrekking hebben op zijn minderjarig kind of op zichzelf.

Een ouder heeft dus geen toegang tot gegevens over de minderjarige en derden of gegevens over de minderjarige en de andere leden van het cliŽntsysteem.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Wat als een leerling niet wil dat bepaalde info aan de ouders wordt doorgegeven? Wat indien deze leerling verdere begeleiding vraagt?

Een leerling heeft (ongeacht zijn leeftijd) het recht om verzet aan te tekenen ten opzichte van welbepaalde gegevens zodat zijn ouders geen inzage hebben in deze gegevens. De CLB-medewerker dient deze beslissing te respecteren.

Indien dit verzet contraproductief is voor de begeleiding, is het de taak van de CLB-medewerker om op zoek te gaan naar de reden van de vraag tot geheimhouding en om wegen te zoeken om deze geheimhouding op te heffen.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Kan een ouder zijn recht op toegang uitoefenen zonder dat de minderjarige dit weet?

Nee, dit is niet mogelijk. Bij een vraag van de ouders van een leerling tot toegang tot het multidisciplinair dossier zal de minderjarige leerling steeds geÔnformeerd moeten worden. Een bekwaam geachte jongere dient zelfs eerst toestemming te geven aan de ouder(s).

De dossiergegevens die door de minderjarige bestempeld worden als vertrouwelijke informatie zijn niet toegankelijk voor ouders. (Recht op verzet tegen toegang)

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Indien ťťn van de ouders (na een echtscheiding) toegang vraagt tot het dossier, moet de andere ouder dan op de hoogte gesteld worden?

Nee, de andere ouder moet niet op de hoogte gesteld worden. Enkel indien de andere ouder vraagt naar deze informatie, kan dit meegedeeld worden.

Opgelet: beide ouders kunnen enkel deze informatie inzien die betrekking heeft op zichzelf of op hun minderjarig kind. Zij kunnen geen gegevens inzien omtrent de andere ouder.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Mag een afgestudeerde leerling zijn dossier nog inzien zonder dat er sprake is (of is geweest) van enige begeleiding?

Een afgestudeerde leerling is doorgaans een meerderjarige leerling en hij valt niet meer onder het Decreet Rechtspositie maar valt onder de Wet Verwerking Persoonsgegevens en het Besluit van de Vlaamse Regering betreffende het multidisciplinair dossier.

De privacywet geeft een persoon ‘recht op kennisneming’ van de gegevens die over hem verwerkt worden. Een afgestudeerde leerling heeft dus toegang tot de gegevens uit zijn multidisciplinair dossier. Het Besluit van de Vlaamse regering betreffende het multidisciplinair dossier  bepaalt de wijze waarop dit recht wordt uitgeoefend. 

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Dient de ‘vertrouwensexceptie’ na elke klassenraad opnieuw bevestigd te worden?

De CLB-medewerker dient de klassenraad te informeren over de toepassing van de rechten uit het Decreet Rechtspositie.

De verslagen van de klassenraad komen vaak integraal in het multidisciplinair dossier terecht. In de schoolcontext zijn deze verslagen echter niet toegankelijk voor de leerling. De verslagen mogen dan ook niet zonder meer in het multidisciplinair dossier opgenomen worden. Deze informatie (van derden) systematisch als ‘vertrouwelijk’ bestempelen is eveneens niet haalbaar.

De CLB-medewerker maakt hierover dan ook best afspraken met de klassenraad en noteert enkel die gegevens in het dossier die relevant zijn voor de begeleiding. Het is wel belangrijk dat de leden van de klassenraad op de hoogte zijn van het feit dat de mogelijkheid tot gebruikmaking van de ‘vertrouwelijkheidsexceptie’ bestaat.

Een wijziging m.b.t. de openbaarheid van de verslaggeving van de klassenraad dringt zich hier misschien op. Dit is voer voor overleg tussen de onderwijskoepels en het dep. Onderwijs.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

CLB’s worden vaak gevraagd om in het elektronisch leerlingendossier op school te schrijven. Hoe moeten we hiermee omgaan?

Aangezien de CLB-medewerker geen bestandhouder is van het schooldossier en hij geen enkele controle heeft over de weg die de genoteerde gegevens in het schooldossier verder zullen afleggen, raden wij aan om niet in te gaan op verzoeken om rechtstreeks informatie in het (pedagogisch) leerlingendossier op school te noteren.

Het leerlingendossier en het CLB-dossier zijn elk onderworpen aan een andere regelgeving waardoor er zich moeilijk te voorziene juridische problemen kunnen stellen (o.a. m.b.t. schrijfrechten en leesrechten). CLB-medewerkers zijn vooreerst gebonden door het beroepsgeheim. Het is dan zeker niet evident om rechtstreeks in het schooldossier van de leerling te werken. De vertrouwelijke informatie die door een personeelslid met beroepsgeheim verwerkt of bijgehouden wordt, moet namelijk aan een aantal regels voldoen. Daarnaast is het CLB-dossier onderworpen aan de bepalingen van het decreet Rechtspositie waardoor onder meer de toegang tot het dossier heel specifiek geregeld wordt. Daar deze bepalingen niet gelden voor het leerlingendossier op school, kunnen zich een aantal juridische problemen stellen.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Wat met gegevens meegedeeld door derden die later pas ‘gevoelig’ werden. Heeft de minderjarige hier toegang toe?

Ja, indien de derde de toevertrouwde gegevens niet als vertrouwelijk bestempeld heeft, verkrijgt de minderjarige toegang.

De CLB-medewerker kan wel nog beslissen dat het niet in het belang van de minderjarige is om toegang te hebben tot deze gegevens. Dan vallen deze gegevens onder de agogische exceptie 

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Is er een relatie tussen het inzagerecht dossier en openbaarheid van bestuur?

Het decreet Openbaarheid van Bestuur handelt o.a. over het recht op inzage en recht op afschrift van bestuursdocumenten. Zonder in te gaan op de discussie welke documenten binnen de CLB-context dienen beschouwd te worden als ‘bestuursdocument’, is het vooral belangrijk om na te gaan welke informatie onder de uitzonderingsgronden valt en waarop de openbaarmakingsverplichting niet van toepassing is. Volgende uitzonderingsgronden zijn relevant voor het CLB:

  • de geheimhoudingsverplichting

  • bescherming van de persoonlijke levenssfeer.

Alle informatie van persoonlijke aard wordt als vertrouwelijk beschouwd. Deze informatie, evenals de persoon waar op ze betrekking heeft, wordt extra beschermd tegen openbaarmaking.

Het multidisciplinair CLB-dossier is gevat door de geheimhoudingsplicht en daarenboven geldt voor alle informatie in het kader van de leerlingenbegeleiding de regelgeving inzake privacy en bescherming van de persoonlijke levenssfeer.

M.a.w. via het decreet Openbaarheid van bestuur kan een centrum niet gedwongen worden tot een ruimer inzagerecht dan voorzien bij het decreet rechtspositie.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Gelden de toegangsregels uit het Decreet Rechtspositie ook voor het chronologisch journaal?

Het BVR betreffende het multidisciplinair dossier verplicht het CLB tot het bijhouden van een chronologisch overzicht van alle contacten en tussenkomsten in verband met de betrokken leerling. In dit journaal moeten ook de aard van de tussenkomst en de naam van de betrokken CLB-medewerker vermeld worden.

De regels van het Decreet Rechtspositie zijn van toepassing op dit journaal. Dit chronologisch overzicht wordt best wel beperkt tot een opsomming van de acties zonder inhoudelijke vermeldingen. We gaan ervan uit dat iedereen die op de ťťn of andere manier bij het dossier betrokken is, geÔnformeerd kan worden over de gesprekken die gevoerd werden zonder de inhoud van deze gesprekken in het chronologisch overzicht te benoemen.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Mag er een ‘werkdossier’ opgesteld worden?

Nee, dit mag niet. Het multidisciplinair dossier moet een echt communicatiemiddel worden. Het moet transparant en helder opgemaakt worden.  Een apart ‘werkdossier’ opstellen met hypotheses en vermoedens zou ingaan tegen deze visie.

De CLB-medewerker kan bepaalde gegevens ontoegankelijk maken voor de minderjarige als hij dit in het belang van de leerling acht. De agogische exceptie automatisch toepassen op ‘voorlopige hypotheses’ of ‘vermoedens’ kan evenwel niet. In het belang van de minderjarige informatie geheim houden, veronderstelt namelijk dat het meedelen van deze informatie schadelijk zou zijn voor de minderjarige.

De vraag dient ook gesteld te worden welke meerwaarde gegevens hebben die niet gebruikt kunnen worden in de begeleiding en de dialoog met de minderjarige.

Het is dan ook belangrijk eventuele hypotheses, vermoedens, opmerkingen … regelmatig bij te werken. De hypotheses, vermoedens … die in een overleg werden gebruikt en/of bevestigd, moeten in het dossier opgenomen worden; de niet-gebruikte of onjuiste werkhypotheses moeten verwijderd worden. 

Opmerking: persoonlijke notities vanwege de CLB-medewerker kunnen nooit in het multidisciplinair dossier opgenomen worden. Zodra deze notities in het multidisciplinair dossier opgenomen zijn, vallen ze niet meer onder de notie ‘persoonlijke notitie’. Het begrip ‘persoonlijke notitie’ is alleen van toepassing voor medische gegevens (wet patiŽntenrechten). 

  

Terug naar vragenlijst

 

 

Hoe zit het met de gezondheidsgegevens?

De gezondheidsgegevens vallen onder de Wet Verwerking Persoonsgegevens, de Wet PatiŽntenrechten en de sectorale regelgeving (CLB-decreet, Besluit van de Vlaamse regering betreffende het multidisciplinair dossier ).

In de memorie van toelichting op het Decreet Rechtspositie wordt aangeraden om ‘gezondheidsgegevens’ ‘eng’ te omschrijven.

Binnen de CLB-praktijk vallen enkel die gegevens die verzameld werden tijdens een algemeen, gericht of een bijzonder consult of die opgenomen werden in een medisch verslag onder de term  ‘gezondheidsgegevens’.

Opmerking: in de Wet PatiŽntenrechten wordt geen indicatieve leeftijd vooropgesteld; de CLB-arts beslist autonoom of een leerling al dan niet bekwaam geacht wordt.

In de voorbereidende gesprekken die moeten leiden tot een nieuw Besluit van de Vlaamse regering betreffende het multidisciplinair dossier, waarbij de CLB-regelgeving in overeenstemming gebracht wordt met het Decreet Rechtspositie, wordt geijverd om ook voor de gezondheidsgegevens een indicatieve leeftijdsgrens van 12 jaar in te schrijven, zodat in de CLB-werking deze leeftijdsgrens geldt voor alle gegevens.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Zijn de gezondheidsgegevens uit het multidisciplinair dossier toegankelijk voor alle leden van het CLB-team?

Alle gegevens uit het multidisciplinair dossier zijn toegankelijk voor alle leden van het CLB-team behalve indien de betrokkene vraagt om de gegevens ontoegankelijk te maken voor bepaalde CLB-medewerkers (cfr CLB-decreet). In de praktijk is het aan te bevelen om gezondheidsgegevens te laten toelichten door een gekwalificeerd personeelslid. (dit geldt evenzeer voor gegevens uit de andere domeinen: psychosociale, psychodiagnostische informatie

Opmerking: medische verslagen doorgegeven van arts naar arts zijn niet zomaar toegankelijk voor alle teamleden. Slechts indien de CLB-arts beslist om dit verslag op te nemen in het multidisciplinair dossier, worden deze gegevens toegankelijk voor alle leden.  

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Hebben minderjarigen ten aanzien van gezondheidsgegevens enkel geen toegang tot de gegevens onder de therapeutische exceptie en ten aanzien van de persoonlijke notities van de arts?

 

Ja, dit zijn de twee uitzonderingen op het toegangsrecht die de Wet PatiŽntenrechten vooropstelt. Daarnaast is er uiteraard ook geen toegang tot gegevens die betrekking hebben op derden. Ook in een medisch dossier wordt de therapeutische exceptie slechts uitzonderlijk gebruikt.

Indien het toegangsrecht uitgeoefend wordt met bijstand van een vertrouwenspersoon die ook beroepsbeoefenaar is in de gezondheidszorg, zijn de persoonlijke notities en de gegevens die onder de therapeutische exceptie vallen wel toegankelijk voor deze beroepsbeoefenaar.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

De gezondheidsgegevens moeten apart bijgehouden worden, maar zijn wel multidisciplinair. Hoe kan dit?

Als uitgangspunt voor het decreet werd genomen dat, wat betreft de gezondheidsgegevens, niet zou afgeweken worden van de regelgeving die op federaal vlak tot stand gekomen is m.b.t. het patiŽntendossier. Vandaar staat in art 21 dat gegevens betreffende de gezondheid apart dienen bijgehouden te worden.

Anderzijds is het niet meer dan logisch dat in de zich wijzigende hulpverleningscontext relevante gegevens ‘gedeeld’ kunnen worden binnen het kader van een multidisciplinair team CLB. Het gezamenlijk beroepsgeheim biedt hiervoor de nodige waarborgen.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Medische gegevens worden opgenomen in het inschrijvingsprotocol van het BuO. Mag dit?

Ja, deze gegevens zijn relevante gegevens voor de school en mogen uitgewisseld worden met de school. Deze gegevensuitwisseling is wettelijk bepaald (Art 9 Besluit van de Vlaamse regering betreffende het multidisciplinair dossier). Graag aandacht voor de handelingsgerichte vertaling van louter diagnostische gegevens.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Is het afschrift effectief een kopie van het dossier? Wat is een rapport?

 Een afschrift is effectief een kopie van de gegevens waartoe de leerling volledige inzage in heeft. Deze kopie moet echter uitdrukkelijk de vermelding ‘“dit afschrift (rapport) is vertrouwelijk en persoonlijk. Deze gegevens mogen enkel gebruikt worden voor de doelstellingen van de jeugdhulp” bevatten. Een afschrift van de gezondheidsgegevens dient de vermelding “strikt persoonlijk en vertrouwelijk” te bevatten.

In de CLB–praktijk is het de bedoeling om het recht op afschrift altijd te koppelen aan een voorafgaande begeleide inzage. Het bezorgen van een afschrift van bepaalde gegevens, zonder een begeleidend gesprek, gebeurt in principe niet. Dit zal opgenomen worden in het nieuw Besluit van de Vlaamse regering betreffende het multidisciplinair dossier en/of bijhorende omzendbrief.

Een rapport is een samenvatting, een synthese van de gegevens waarvan de leerling toegang heeft via een gesprek, rapportage of gedeeltelijke inzage omdat een volledige inzage afbreuk zou doen aan de privacy van een derde.  Dit rapport dient eveneens de bovenvermelde zinsnede te bevatten.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Mag het CLB de kosten van een kopie doorrekenen aan de leerling?

Het Decreet Rechtspositie vermeldt niets over het aanrekenen van een bepaalde kostprijs. In principe zou het CLB een kostprijs kunnen vragen voor een kopie. Deze kostprijs mag echter niet zo hoog gesteld worden dat dit een afschrikkingseffect zou teweeg brengen. In het kader van de wet patiŽntenrechten is de kostprijs per gekopieerde pagina bepaald op maximum 0,10 euro.

In het CLB-decreet staat vermeld dat het CLB bij het vervullen van zijn opdracht gratis dient te handelen. Op dat ogenblik was er echter nog geen sprake van de mogelijkheid tot het verkrijgen van een afschrift van dossiergegevens.

In de toekomst zal dit wellicht nog verder uitgeklaard dienen te worden.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Afschrift van het dossier: enkel in functie van de jeugdhulp. Kan dit nagegaan worden?

Het is niet de taak van het CLB om dit na te gaan. Het is wel onze taak om daaromtrent de nodige informatie te verstrekken. Het is de taak van de advocaat en de rechter om deze afschriften te weren als mogelijks rechtsgeldig bewijs in gerechtelijke procedures zoals bijv. een echtscheidingsprocedure.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Kan de vraag naar een afschrift geweigerd worden in het belang van de leerling?

Nee, dit kan niet geweigerd worden. Het is wel mogelijk om bepaalde gegevens als “agogische exceptie” te duiden waardoor deze gegevens niet meer toegankelijk zijn voor de minderjarige. De minderjarige heeft dan geen recht op een afschrift van deze welbepaalde gegevens.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Wat met de overdracht van het multidisciplinair dossier naar een ander CLB?

Het CLB-decreet en het Besluit van de Vlaamse regering betreffende het multidisciplinair dossier  bepalen de spelregels met betrekking tot de overdracht van het multidisciplinair dossier van een welbepaald CLB naar een ander CLB.

Het Decreet Rechtspositie vermeldt hier niets over, enkel het Kaderdecreet Integrale Jeugdhulp (Art 32) bevat enkele regels hieromtrent. De overdrachtregeling uit de CLB-regelgeving voldoet aan deze regels.

De belangrijkste bepaling uit de CLB-regelgeving is dat de leerling vanaf de indicatieve leeftijd van 12 jaar het recht heeft om toestemming te geven voor de dossieroverdracht.

Bij de overdracht van een dossier naar een ander centrum zal het multidisciplinair dossier up to date moeten gemaakt worden en dient het centrum erop toe te zien dat enkel deze gegevens overdragen worden die relevant zijn voor de begeleiding. 

Opmerking: de vertrouwelijkheidsexceptie gaat mee over met de overdracht van het dossier, de privacyexceptie niet. De bescherming van de identiteit van derden werd immers specifiek afgesproken tussen een bepaalde jeugdhulpverlener en deze ‘derde’. Het is dus aan te bevelen om in de loop van het begeleidingsproces voldoende aandacht te besteden aan de gegevens die opgenomen worden onder het statuut ‘vertrouwelijkheidexceptie’.     

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Personeelsleden van een onderwijsinstelling kunnen als bijstandspersoon optreden. Kunnen hier nog enkele voorbeelden gegeven worden?

Indien een personeelslid van een onderwijsinstelling als bijstandpersoon fungeert verkrijgt hij een functioneel beroepsgeheim; dit houdt in dat hij gebonden is door het beroepsgeheim voor zover hij meewerkt aan de toepassing van de Integrale Jeugdhulp, en dus voor hetgeen hij verneemt tijdens het waarnemen van de vertrouwensopdracht waarmee hij belast is.

Dit impliceert dat de informatie die hij uit hoofde van zijn andere hoedanigheid (cfr. (vertrouwens)leerkracht) reeds kende of verneemt, niet onder het beroepsgeheim valt.

Een voorbeeld van een situatie waar een leerkracht kan fungeren als bijstandpersoon is wanneer een leerling bijgestaan wil worden in de contacten met het Comitť Bijzondere Jeugdzorg.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Kan een advocaat als bijstandpersoon optreden en een afschrift krijgen van het dossier?

Ja, indien hij door de minderjarige als bijstandspersoon is aangeduid. Hij krijgt dan het recht op inzage van het dossier, doch enkel deze gegevens die ook voor de minderjarige toegankelijk zijn + de gegevens die vallen onder de ‘agogische exceptie’.

Aangezien dit afschrift enkel gebruikt mag worden voor doelstellingen van de jeugdhulp moet volgende vermelding systematisch toegevoegd worden aan het afschrift: “dit afschrift (rapport) is vertrouwelijk en persoonlijk. Deze gegevens mogen enkel gebruikt worden voor de doelstellingen van de jeugdhulp”.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Heeft een bijstandspersoon inzagerecht?

In zijn functie van bijstandspersoon is er recht op toegang tot het dossier (gegevens die ook voor de minderjarige toegankelijk zijn + gegevens onder het statuut ‘agogische exceptie’). T.o.v. de kennisname van deze gegevens wordt de bijstandspersoon gevat door het beroepsgeheim.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Wat met ouders die direct klacht indienen bij de orde van geneesheren?

 De klachtenprocedure in het centrum moet zichtbaar en duidelijk zijn voor de leerling en zijn ouders zodat een klacht in het CLB zelf terecht komt. Je kan nooit iemand beletten om rechtstreeks klacht in te dienen bij een andere organisatie.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Waarom kan een leerling geen rechtstreekse klacht indienen tegen een hulpverlener?

De leerling kan een klacht neerleggen ten opzichte van het centrum omtrent de inhoud van de leerlingbegeleiding, de wijze waarop ze wordt aangeboden en de niet-naleving van de rechten, zoals opgesomd in het decreet rechtspositie.

Het is niet de bedoeling dat de leerling het individueel handelen van de hulpverlener kan aanklagen.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

 

Vallen de interne leerlingbegeleiders van de school onder het Decreet Rechtspositie?

Nee, interne leerlingbegeleiders van een school zijn geen hulpverleners en vallen enkel onder de onderwijswetgeving.

De kerntaak van scholen is kwaliteitsvol onderwijs bieden. Het is niet de bedoeling dat scholen ‘hulpvoorzieningen’ en leerkrachten ‘hulpverleners’ worden. Het zorgbeleid (met inbegrip van de leerlingenbegeleiding) dat een school uitbouwt, maakt dan ook geen deel uit van de integrale jeugdhulp. Dit zorgbeleid situeert zich in het voortraject en wordt niet beschouwd als jeugdhulpverlening. Een personeelslid van een school valt dus niet onder het decreet rechtspositie (behalve indien hij/zij door de leerling aangeduid wordt als bijstandspersoon).

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Kan een personeelslid van een school beschouwd worden als ‘opvoedingsverantwoordelijke’ ((cfr lid van het cliŽntsysteem)?

Nee, met ‘opvoedingsverantwoordelijke’ wordt de persoon (andere dan de ouders) bedoeld die op duurzame manier instaan voor de feitelijke bewaring van de minderjarige.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Wat met gegevens geregistreerd door het CLB tijdens de Cel leerlingbegeleiding of op de klassenraad?

Tijdens de klassenraad, het MDO, de Cel leerlingbegeleiding,… mag het CLB enkel deze gegevens noteren die relevant zijn voor de leerlingbegeleiding. Het CLB maakt best op voorhand duidelijke afspraken met de school (en de eventuele andere partners) omtrent de gegevensuitwisseling.

De gegevens uit de klassenraad, het MDO,.. die genoteerd worden in het multidisciplinair dossier, zijn toegankelijk voor de leerling. Het is wel belangrijk dat de leden van de klassenraad, het MDO op de hoogte zijn van het feit dat de mogelijkheid tot gebruikmaking van de ‘vertrouwelijkheidsexceptie’ bestaat.

 

Terug naar vragenlijst

  

 

Evenwicht tussen het ouderlijk gezag en de rechten van de minderjarige?

Het feit dat de minderjarige zijn rechten zelfstandig uitoefent, doet geen afbreuk aan de eigen rechten van de ouders. Het betreft hier namelijk vooral de rechten die de ouders ontlenen aan hun gezag over de persoon en over de goederen van de minderjarige (o.a. beheer van goederen, toezicht op contacten, zeggenschap over de opleiding …).

De rechten van de minderjarige worden zodoende begrensd door de ouderlijke rechten.

Het ouderlijk gezag heeft echter een uitdunnend karakter en evolueert, met de leeftijd van de minderjarige, van ‘bescherming’ naar ‘begeleiding’.

Dit wil niet zeggen dat de minderjarige die zijn rechten zelfstandig wil uitoefenen hierbij niet op enige begeleiding van zijn ouders mag rekenen. Wel zal de mate van ondersteuning en begeleiding voor de uitoefening van deze rechten evolueren naargelang de leeftijd van de minderjarige.

Meer en meer houdt de wetgever hier rekening mee door het invoeren van leeftijdsgrenzen, het voorzien van uitzonderingen op de

handelingsonbekwaamheid ...

Er moet steeds een evenwicht gezocht worden tussen enerzijds het respecteren van de capaciteiten van een leerling (bekwaamheid van de leerling) en anderzijds een leerling niet te vroeg te belasten met te zware verantwoordelijkheden (bescherming door de ouders).

Bij deze evenwichtsoefening is het belangrijk om altijd het belang van de leerling centraal te stellen.

Het Decreet Rechtspositie stelt dat bij conflicterende belangen, het belang van de leerling primeert boven dat van de ouders, maar het stipuleert ook dat de rechten en de plichten van de ouders moeten gevrijwaard blijven.

 

Ouders die het ouderlijk gezag uitoefenen hebben recht op toezicht.

Dit recht op toezicht wordt geconcretiseerd in het Burgerlijk Wetboek dat ouders het recht op informatie met betrekking tot de opvoeding van hun kinderen geeft. Dit recht op informatie wordt echter begrensd. Enerzijds mag de informatie enkel gebruikt worden om de opvoeding van de jongere te optimaliseren en anderzijds mag het recht op informatie van de ouders niet ingaan tegen de eigen rechten van de leerling.

Ook het Decreet Rechtspositie concretiseert het ouderlijk recht op informatie (cfr bepalingen recht op toegang tot het dossier)

 

Er zijn echter, op grond van het ouderlijk gezag en de hiermee verbonden plicht tot toezicht, afwijkingen mogelijk op de hierboven vermelde bepalingen, o.a.

  • i.f.v. opvoedingsbeslissingen die een financiŽle tussenkomst van de ouders vereisen;

  • i.f.v. het belang van de minderjarige (blijvend dreigend gevaar: het recht op geheimhouding dient hier mogelijks te wijken voor een ‘hoger’ belang, bijv. de bescherming van de fysieke en seksuele integriteit van de minderjarige);

  • i.f.v. noodsituaties (bijv. zelfmoordpoging)

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Welke rechtsgrond heeft voorrang; het Decreet Rechtspositie of het Besluit van de Vlaamse regering betreffende het multidisciplinair dossier?

In het kader van de rechtsvoorrang heeft het Decreet Rechtspositie voorrang op het Besluit van de Vlaamse regering betreffende het multidisciplinair dossier. In het Decreet Rechtspositie staat daarenboven vermeld dat de minderjarige recht heeft op de toepassing van de voor hem meest gunstige regelgeving.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Vallen taken van het CLB onder ‘hulpverlening’?

In het kader van Integrale Jeugdhulp werd het totale hulpverleningsaanbod van de sector CLB gemoduleerd.CLB heeft echter een ruimer takenpakket dan datgene wat gevat wordt binnen integrale jeugdhulp.

De voornaamste opdrachten die niet gevat worden, zijn:

  • alle opdrachten die we onder de noemer “preventief werken” kunnen plaatsen,

  • activiteiten die zich situeren in het schoolondersteunende aanbod,

  • activiteiten die zich bevinden in de samenwerking met andere voorzieningen die niet behoren tot de sectoren die door integrale jeugdhulp gevat worden (bijvoorbeeld kinderpsychiatrie)

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Is GON-begeleiding jeugdhulp? Kan GON-begeleiding geweigerd worden? 

 

GON-begeleiding valt volledig onder de onderwijsregelgeving.

GON-begeleiding is steeds de resultante van een proces. Een effectieve weigering is dan ook weinig waarschijnlijk. 

 

Terug naar vragenlijst