Sla navigatie over
Vlaanderen.be - uw wegwijzer binnen de Vlaamse overheid
startpagina | contact | sitemap integrale jeugdhulp  | zoek
 
 

 

 



Sector Kind en Gezin

FAQ's

We hebben op dit moment in onze leefgroep een aantal kinderen met moeilijk gedrag. Ter bescherming van het kind zelf of de andere kinderen in de leefgroep, zien wij ons af en toe genoodzaakt 'holding' toe te passen. Onze opvoedkundigen vragen echter meer uitleg bij de methodiek, opdat zij dit op een goede, respectvolle manier kunnen toepassen als het nodig zou zijn. Daarnaast vragen we ons ook af of we dit mogen toepassen, in het kader van de kinderrechten? Hebben jullie nog meer info omtrent 'holding', we zijn dan vooral op zoek naar 'hoe toepassen', 'wanneer', 'waar', 'hoe lang', '(tegen)indicaties'?

 
De rechten van minderjarige cliŽnten binnen de IJH zoals voorzien door het DRM (trouwens ook de kinderrechten uit het IVRK), houden niet in dat
minderjarigen niet zouden kunnen gestraft worden of dat er geen maatregelen zouden kunnen genomen worden ter bescherming van anderen, of van het personeel en het materieel van de jeugdhulpvoorziening. Het is duidelijk dat maatregelen voor sanctioneren noodzakelijk kunnen zijn.
 
Artikel 27 DRM voorziet wel dat minderjarigen in de jeugdhulp niet kunnen onderworpen worden aan een onmenselijke of onterende straf. En
artikel 28 DRM stelt dat sancties vanwege jeugdhulpaanbieders moeten aangepast zijn aan de persoonlijkheid van de minderjarige, en dat deze
proportioneel moeten zijn met de ernst van de feiten. Sancties moeten bovendien altijd de opvoeding bevorderen en mogen geen traumatische
uitwerking hebben.
 
Specifiek naar tijdelijke afzondering of tijdelijke vrijheidsbeperkende maatregelen, zoals 'holding', voorziet het DRM dat dit enkel mogelijk is
indien ťn zolang het gedrag van de minderjarige:
 1. risico's inhoudt voor zijn eigen fysieke integriteit of
 2. risico's inhoudt voor de fysieke integriteit van medebewoners of personeelsleden of materieelvernielend werkt.
Daarnaast moet de procedure van de jeugdhulpvoorziening om tot tijdelijke afzondering over te gaan, duidelijk omschreven worden in het
huishoudelijk reglement van de voorziening ťn op voorhand duidelijk worden meegedeeld aan de minderjarige.
 
=> Concreet betekent dit dat u als jeugdhulpvoorziening wel degelijk kan
overgaan tot 'holding' indien ťn zolang het gedrag van de minderjarige een gevaar betekent voor zichzelf, voor anderen of voor de voorziening. Deze methodiek kan enkel gebeuren op de manier en onder de omstandigheden zoals voorzien in uw huishoudelijk reglement (dat duidelijk moet meegedeeld zijn aan de minderjarige vooraleer de situatie zich voordoet).
 
Ik zou rond het gebruik van 'holding' eventueel ook in gesprek gaan met
Kind en Gezin om zo verder een gedragen visie te kunnen ontwikkelen binnen uw team, binnen de CKG's en binnen de sector.

 

Terug naar vragenlijst

 

Hebben wij toestemming nodig van de vader om een begeleiding te kunnen starten voor een baby van 5 maanden op vraag van de moeder.

 

Als jullie er geen weet van hebben dat de vader uitdrukkelijk niet akkoord gaat met een begeleiding, kunnen jullie op vraag van de moeder van start gaan:

1.A. Wanneer er sprake is van CO-OUDERSCHAP (gangbare situatie in BelgiŽ) dan moeten ouders SAMEN beslissen.Gaat ťťn van hen niet akkoord met bv. de begeleiding door een dienst dan kan de begeleiding niet plaatsvinden.

!! Ten aanzien van derden ter goeder trouw speelt hierbij het vermoeden uit art. 373 B.W.:

=> derden ter goeder trouw mogen er van uitgaan dat een vraag/beslissing van ťťn ouder gesteld/genomen is mťt toestemming van de andere ouder.

-> Wanneer derden dus gťťn weet hebben van een conflict tussen beide ouders rond een bepaalde kwestie,kunnen zij wel degelijk ingaan op een verzoek vanwege ťťn ouder van een onbekwame minderjarige (zelfs wanneer ouders gescheiden zijn of niet samenwonen). Men heeft de expliciete toestemming van de andere ouder hiervoor dus niet nodig.

-> Wanneer derden wel weet hebben van conflicten tussen beide ouders m.b.t. een bepaalde kwestie, zijn ze niet meer ter goeder trouw zoals waarvan sprake in het vermoeden dat de wet invoert. Dan heeft men wel de expliciete toestemming van allebei de ouders nodig. Indien men deze niet krijgt, kan men niets ondernemen. Tenzij een van de ouders een procedure zou opstarten bij de rechter om zijn toestemming te verkrijgen.

1.B. Wanneer er sprake zou zijn van EXCLUSIEF OUDERLIJK GEZAG (= zeer uitzonderlijke situatie in BelgiŽ en moet steeds voorzien worden door een vonnis) van ťťn van beide ouders kan deze ouder alleen beslissingen nemen. Wanneer de andere ouder dan niet akkoord is, moet hij hiervoor naar de rechter stappen om de beslissing van de ouder met exclusief ouderlijk gezag ongedaan te laten maken.

Terug naar vragenlijst

 

Kan een pleegouder het verslag van de cliŽntbespreking  hebben of inkijken?

 

  • Pleegouders nemen binnen de integrale jeugdhulp een bijzondere positie in: zij zijn zowel jeugdhulpaanbieders (omdat zij verantwoordelijk zijn voor de concrete uitvoering van de jeugdhulp) als opvoedingsverantwoordelijken (personen die op een duurzame wijze de feitelijke bewaring over een minderjarige hebben). Zij zijn echter geen jeugdhulpvoorziening waardoor artikels uit het DRP die zich enkel uitspreken over relatie minderjarige cliŽnt -jeugdhulpvoorziening op hen niet van toepassing zijn.

    Het decreet op de integrale jeugdhulp stelt dat iedereen die zijn
    medewerking verleent aan de uitvoering van dit decreet gebonden is door het beroepsgeheim. Alle jeugdhulpaanbieders (voorzieningen ťn
    personen)maar ook bv. de bijstandspersoon moeten zich daarom houden aan het beroepsgeheim.

    Toch voorziet het decreet dat er onder bepaalde voorwaarden een
    gegevensuitwisseling kan plaatsvinden tussen jeugdhulpaanbieders onderling. Een CKG kan dus wel degelijke informatie doorspelen aan een pleegouders indien:

     

    • de gegevensuitwisseling enkel betrekking heeft op gegevens die
      noodzakelijk zijn voor de jeugdhulp;

    • de gegevens enkel worden uitgewisseld in het belang van de personen tot wie de jeugdhulp is gericht;

    • men in de mate van het mogelijke de geÔnformeerde toestemming met de gegevensuitwisseling heeft proberen verkrijgen van de persoon op wie de gegevens betrekking hebben.

      Op basis van deze regelgeving kan het CKG ervoor opteren om het volledige verslag van de bespreking van een kindje op de teamvergadering door te geven aan toekomstige pleegouders of bepaalde onderdelen ervan (die noodzakelijk zijn voor de hulpverlening).

Terug naar vragenlijst

 

 

Indien er beslist wordt dat het dossier in een VK een medisch dossier is, kan de minderjarige dan toch nog altijd toegang hebben tot het dossier, zoals in de werkmap "Aan de slag..." staat?

Er kan verwezen worden naar de wet op de patiŽntenrechten (opgelet: deze link opent in een nieuw venster!). Van belang is hoofdstuk IV art 12 waarin staat dat minderjarigen die tot een redelijke beoordeling van zijn belangen in staat kan worden geacht de rechten in de wet patiŽntenrechten ook zelfstandig kan uitoefenen. Dat was ook het uitgangspunt in de werkmap "Aan de slag ...".

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Een bekwame minderjarige geeft toestemming tot inzage in het dossier aan ťťn der ouders, die het dossier samen met een advocaat komt inkijken. Kan dit? En voor welke gegevens?

 

Volgens ons moet dit inderdaad kunnen wanneer een bekwame minderjarige hier uitdrukkelijk toestemming voor geeft. Dit wordt echter niet uitdrukkelijk door het DRP voorzien. Of het in de praktijk ook aanvaard zal worden dat ouders van een bekwame minderjarige toegang krijgen tot (bepaalde gegevens uit) het dossier, zal dus beslist worden door de jeugdhulpverleners in een concrete situatie of later misschien door de magistratuur wanneer hierrond procedures zouden gevoerd worden.

 

Wanneer een ouder toch toegang krijgt, zal hij toegang krijgen tot deze gegevens waartoe de bekwame minderjarige zelf toegang heeft, met uitzondering van de contextuele gegevens waarbij een ouder enkel toegang krijgt tot deze contextuele gegevens die hemzelf ťn het minderjarige kind betreffen.

 

Wat indien deze bekwame minderjarige geen uitdrukkelijke toestemming had gegeven, doch ook geen verzet had aangetekend?

Dan kan dit niet.

 

De algemene regel is dat ouders geen toegang hebben tot het dossier van een bekwame minderjarige. (Met uitzondering van de gegevens die enkel zichzelf betreffen want daar hebben ze toegang toe op basis van de wet verwerking persoonsgegevens.)

Uitzonderingen op deze algemene regel kunnen slechts voorkomen mťt uitdrukkelijke toestemming van de bekwame minderjarige.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Heeft de minderjarige al dan niet toegang tot zijn gezondheidsgegevens  die in een aparte kaftje worden bijgehouden?

 

Het recht op toegang van de minderjarige tot zijn gezondheidsgegevens die apart bijgehouden worden, wordt geregeld door de Wet op de rechten van de patiŽnt.

De wet betreffende de rechten van de patiŽnt regelt het recht op toegang tot het dossier in artikel 9 ß2. Artikel 9 bepaalt dat de patiŽnt het recht heeft op inzage in het hem betreffend patiŽntendossier. Wanneer hij inzage vraagt, moet zo snel mogelijk en ten laatste binnen de vijftien dagen gevolg gegeven worden aan zijn verzoek. De patiŽnt kan ook een afschrift vragen van zijn dossier, of van het deel van het deel dat over hem gaat.

Op dit inzagerecht bestaan enkele uitzonderingen:

 

-         Persoonlijke notities van de beroepsbeoefenaar

Hierop wordt ťťn uitzondering voorzien: indien de patiŽnt zich laat bijstaan door een vertrouwenspersoon die ook een beroepsbeoefenaar in de gezondheidszorg is, heeft deze wel inzagerecht in de persoonlijke notities.

-         Gegevens die betrekking hebben op derden

-         Therapeutische exceptie
Mits het in acht nemen van een aantal voorwaarden, kan de beroepsbeoefenaar beslissen dat bepaalde informatie niet aan de patiŽnt meegedeeld wordt.

 

Artikel 12 regelt de toepassing van de wet voor minderjarigen. De rechten opgenomen in de Wet op de patiŽntenrechten worden bij een minderjarige patiŽnt uitgeoefend door zijn ouders of andere wettelijke vertegenwoordigers. De minderjarige kan zelf zijn rechten als patiŽnt uitoefenen wanneer blijkt dat hij tot een redelijke beoordeling van zijn belangen in staat is.

 

Gezien de afwezigheid van een regeling inzake de leeftijd in de wet op de patiŽntenrechten is de beoordeling van de bekwaamheid sterk afhankelijk van de betrokken beroepsbeoefenaar. Daardoor komt er, bij weigering door de medicus om de minderjarige die bekwaamheid toe te kennen, een zware bewijslast bij de minderjarige patiŽnt te liggen die zijn competentie moet bewijzen. In die zin is de bepaling uit de wet patiŽntenrechten relatief zwakker dan artikel 4 uit het decreet rechtspositie (bekwaamheid van de minderjarige).

 

Terug naar vragenlijst

 

Begrijp ik het goed dat het medische luik gezien wordt als een onderdeel van het hele cliŽntdossier binnen het CKG? En dat we dus samen met het vernietigen (niet meer bewaren) van het dossier bij meerderjarigheid ook het medische luik kunnen verwijderen?

  

Omdat er geen afwijkende regelgeving bestaat m.b.t. het bewaren van de medische gegevens in het cliŽntdossier van het CKG, moet het Besluit van de Vlaamse Regering (BVR) van 9 november 2012 inzake de erkenning en subsidiŽring van de CKG's gevolgd worden.
Art. 17 van dit BVR stelt : 

Het CKG heeft voor elk begeleid kind en het gezin waartoe het behoort een dossier dat minstens de volgende elementen bevat :

  1.   inlichtingen van administratieve aard;

  2.  de gegevens over de toestand van het begeleide kind en het gezin waartoe het behoort;

  3.  het ondersteuningsplan vermeld in artikel 16;

  4.   rapportering van alle stappen in het dossier waaruit blijkt dat de begeleiding en de ondersteuning een gepast antwoord zijn op hulpvragen.

Het dossier wordt door het CKG bewaard tot het kind meerderjarig is.

Bij meerderjarigheid wordt het medische luik dus ook vernietigd, samen met het niet meer bewaren van het gehele cliŽntdossier.

 

Terug naar vragenlijst