Sla navigatie over
Vlaanderen.be - uw wegwijzer binnen de Vlaamse overheid
startpagina | contact | sitemap integrale jeugdhulp  | zoek
 
 

 

 

 

 



FAQ's recht op privacy

 

Algemeen

 

 

Kunnen minderjarigen het recht op privacy ook inroepen t.o.v. hun ouders?

Als uitgangspunt geldt dat minderjarigen, ongeacht hun leeftijd of bekwaamheid, recht hebben op privacy (cf. art. 16 Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind) en op een vertrouwelijke behandeling van hun persoonlijke gegevens.

Zij kunnen dit recht in principe zoals iedereen inroepen tegenover alle derden, en dus in principe ook ten aanzien van hun ouders.

Ouders hebben echter vanuit hun ouderlijk gezag enkele rechten en plichten in het kader van de opvoeding van hun minderjarige kinderen. Ouders hebben o.a. de taak om hun kinderen op te voeden en te beschermen. Om dit zo goed mogelijk te doen, zullen ouders nood hebben aan informatie over hun kinderen en moeten ze in de gaten kunnen houden waar hun minderjarige kinderen zich mee bezig houden en met wie ze contact hebben.

Men gaat er daarom vanuit dat ouders de privacy van hun jonge, onbekwame, kinderen kunnen schenden in het kader van hun opvoedings- en beschermingstaak. Wanneer kinderen ouder, en bekwaam worden, mogen ouders hun privacy niet zomaar meer schenden. Dit kan dan nog enkel wanneer ze hiervoor gegronde redenen hebben, bv. omdat ze zich zorgen maken over de veiligheid van hun kinderen.

Let wel: ouders hebben in principe geen recht op vertrouwelijke informatie over hun bekwame, minderjarige kinderen wanneer deze gedekt wordt door het beroepsgeheim van beroepsbeoefenaars in de gezondheidszorg of van jeugdhulpverleners in de integrale jeugdhulp.

 

 

Terug naar vragenlijst

 

Kunnen minderjarigen zelfstandig beslissingen nemen over de verwerking van hun persoonsgegevens?

 

Aangezien minderjarigen recht hebben op privacy, kan men zich hierbij ook de vraag stellen of dit betekent dat ze ook zelf enkele beslissingen kunnen nemen m.b.t. de verwerking van hun gegevens?

 

De AVG (Algemene Verordening Gegevensverwerking) stelt in dat kader dat minderjarigen pas vanaf 16 jaar zelf toestemming kunnen geven voor de verwerking van gegevens in het kader van een voor hen rechtstreeks aanbod van onlinediensten (bv. om een profiel aan te maken op sociale media). Voor jongere minderjarigen is de toestemming van hun wettelijke vertegenwoordiger nodig.  Lidstaten kunnen deze leeftijd eventueel wel verlagen naar minimum 13 jaar. BelgiŽ is van plan om dit te doen.

Merk op: In de context van preventieve of adviesdiensten die rechtstreeks aan een minderjarige worden aangeboden, is de toestemming van wettelijke vertegenwoordigers niet vereist.

Contact met de Gegevensbeschermingsautoriteit leerde ons verder dat de Belgische overheid momenteel bezig is met het ontwerpen van een nationale kaderwet waarbinnen oa. ook zal geregeld worden in welke situaties en onder welke voorwaarden minderjarigen zelf beslissingen kunnen nemen m.b.t. de verwerking van hun persoonsgegevens. Van zodra meer zicht is op de precieze inhoud van deze regelgeving, zullen we deze hier meegeven.

Terug naar vragenlijst

Wat kan en mag er op het internet? Iemand zet een foto van mij op facebook zonder mijn toestemming, kan ik mijn reactie op een forum laten verwijderen,… ?

Internet is overal. Het is handig als je op zoek bent naar informatie, in een mum van tijd vind je immers een ganse bibliotheek. Maar wat als er zaken op internet verschijnen die je privacy schenden ? Wat kan je dan doen ?

Gegevensbeschermingsautoriteit (voorheen de Privacycommissie) heeft een website www.ikbeslis.be waarop voor verschillende doelgroepen interessante tips te vinden zijn om problemen met privacy en internet aan te pakken. Je vindt er tevens duidelijke info over wat kan en niet kan.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

 

PRIVACY EN DRM

 

Staat de wet op de privacy en de AVG (Algemene Verordening Gegevensverwerking) naast het DRM?

De wet tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens (8 december 1992), of kortweg de privacywet, en de AVG beschermen een bepaald aspect van het privť-leven van de burger, met name het recht op geheimhouding van informatie m.b.t. de persoon. In het DRM worden de bepalingen van deze wet geÔntegreerd en geconcretiseerd in de bepalingen rond het dossier van de minderjarige.

 

Deze regelgevingen staan naast elkaar en vullen elkaar aan. Het DRM heeft de privacyregelgeving “toegepast” wat betreft de minderjarige, maar niet voor ouders en andere meerderjarigen. Een meerderjarige kan zich bv. niet beroepen op het DRM, maar enkel op de privacywet (WVP), AVG en andere. Met betrekking tot medische gegevens verwijzen zowel het DRM als de privacywet bovendien naar de wet op de patiŽntenrechten (W.P.).

 

Ook het beroepsgeheim van een hulpverlener heeft een privacybeschermende werking : het verplicht een hulpverlener tot geheimhouding van hetgeen cliŽnten aan hem prijsgeven in het raam van een vertrouwensrelatie.

De vertrouwelijkheidsexceptie m.b.t. de toegang tot een dossier is in dat kader de meest brede toepassing van het beroepsgeheim. Het kaderdecreet integrale jeugdhulp is bovendien de eerste formele wettekst die de voorwaarden van het gedeeld beroepsgeheim omschrijft.

 

Naast de bescherming van vertrouwelijke informatie in het dossier gaat het DRM ook in op andere aspecten van de privacy van de minderjarige, zoals het recht op een respectvolle omgang met de eigen politieke, filosofische, ideologische of religieuze overtuiging of seksuele geaardheid en de relationele privacy, zoals het recht op bezoek in een semi-residentiŽle of residentiŽle jeugdhulpvoorziening.

 

Terug naar vragenlijst

 

    

Verhinderen van bezoek kan in principe niet. Maar wat als pleegouders niet willen dat bepaalde personen bij hen over de vloer komen?

 

In principe geldt hier onschendbaarheid van de woning. Men kan pleegouders dus niet verplichten om iedereen zomaar toe te laten in hun huis. Maar dan moet er wel op een andere manier contact voorzien worden tussen de minderjarige en de personen met wie hij contact wenst.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Wij hadden graag wat meer informatie rond het recht op Privacy in het DRM.
Zo vinden we het moeilijk wat we wel en niet moeten opschrijven. Bv in verslagen, is het daar nodig om een kader / sfeer te schetsen of zijn enkel de doelstellingen belangrijk ? Zo ook met eigen notities waar zowel gevoelige informatie als hypotheses als feitelijkheden instaan.  Is dit voor privť gebruik of is dit deel van het dossier? We blijven hier wat onduidelijkheid rond hebben.

Volgens art. 20 DRM heeft elke minderjarige die zich in een van de sectoren van de integrale jeugdhulp bevindt, recht op een dossier. Het DRM stelt verder dat de Wet Verwerking Persoonsgegevens (kortweg Privacywet of WVP) en ook sectorale regelgeving van toepassing zijn op dit dossier. Het DRM bepaalt dus niet zozeer de inhoud van een dossier maar wel de (toegangs)rechten m.b.t. tot een dossier.

Conform de Privacywet en meer recent de AVG mogen persoonsgegevens (= alle informatie betreffende geÔdentificeerde of identificeerbare persoon) niet zomaar verwerkt (verzameld, bewaard en/of uitgevoerd) worden. De verwerking moet immers o.a. toelaatbaar zijn, en aan de voorwaarden van de finaliteits- en proportionaliteitregel voldoen.

  • Toelaatbaar wil zeggen dat er bv. toestemming voor de verwerking moet zijn van de betrokkenen wiens gegevens verwerkt worden of dat men bij de verwerking een wettelijke verplichting moet nakomen.

  • De finaliteitsregel wil zeggen dat men enkel gegevens mag verwerken om een welbepaald, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigd doel (= bv. kwalitatieve hulpverlening organiseren) te bereiken en dat men deze gegevens ook enkel mag gebruiken overeenkomstig het doel waarvoor ze verwerkt werden.

  • De proportionaliteitsregel ten slotte stelt dat enkel toereikende en relevante gegevens mogen verwerkt worden. Er mogen dus geen bovenmatige gegevens (die niet nodig of relevant zijn in het kader van het doel van de verwerking) verwerkt worden.


Concreet betekent dit dat jullie die persoonsgegevens mogen verzamelen en bewaren in het dossier die in jullie ogen relevant zijn in het kader van de hulpverlening. Wanneer bepaalde informatie (bv. hypotheses) achteraf niet (langer) relevant blijkt te zijn, zou deze uit het dossier verwijderd moeten worden.

Alle informatie die door jullie (waar dan ook) verwerkt wordt, maakt deel uit van het dossier. Zowel de administratieve informatie die misschien bewaard wordt op het secretariaat, de cliŽntenmap waarin inhoudelijke informatie over de hulpverlening wordt bijgehouden, de gezondheidsgegevens die apart bijgehouden wordt,...

'Persoonlijke notities' van een hulpverlener zijn beperkt tot notities die niet gedeeld werden met het team en waarnaar niet gehandeld werd. Deze persoonlijke notities maken dan geen deel uit van het dossier. Van zodra dergelijke notities echter besproken worden met een collega, of van zodra men een bepaalde strategie uitwerkt gebaseerd op deze notities verliezen ze hun 'persoonlijk' karakter en maken ze integraal deel uit van het dossier.

 

Terug naar vragenlijst

 

 

Vragen m.b.t. privacy en betreden kamer, beperken internet, bekijken van chatgesprekken door begeleiders in de leefgroep,etc


Kan je in het huishoudelijk reglement vermelden dat je onder bepaalde omstandigheden de kamer van de minderjarige mag betreden ?

 

Daarover kan je zeer interessante teksten vinden op het kennisplein jeugdrecht

 

Terug naar vragenlijst

Binnen het dagcentrum kan enkel op bepaalde tijdstippen een gsm gebruikt worden. Bij dringende zaken kunnen zij de telefoon van het dagcentrum gebruiken (hierbij wordt het telefoongeheim gerespecteerd). Druist deze beperking op gsm gebruik in tegen het DRP?

 

Het DRM stelt dat de minderjarige recht heeft om bezoek te ontvangen en om te gaan met personen van zijn eigen keuze in de residentiŽle of semi-residentiŽle voorziening. Dit ‘omgaan met anderen’ kan op verschillende manieren gebeuren; telefoneren valt daar bv. ook onder. Indien een organisatie beslist om beperkingen op dit contact met anderen op te leggen (vb. op bepaalde momenten kan telefoneren niet, afspraken i.v.m. gsm-gebruik), dan moet dit vooraf duidelijk gecommuniceerd worden aan de minderjarige en eventueel opgenomen worden in het huishoudelijk reglement.

 

Terug naar vragenlijst

Momenteel mogen de jongeren slechts uitzonderlijk op het internet. Als ze toegang krijgen, mogen ze geen mails versturen. Druist deze beperking in op het recht op privacy die in het DRM omschreven wordt?

Mails versturen is een manier om contact te hebben met familie, vrienden, enz. Een algemeen verbod op mails versturen betekent dus inderdaad een beperking op het recht op privacy. In het kader van het DRM is het belangrijk om als organisatie te reflecteren over waarom dit recht op die manier beperkt wordt. Kan het misschien ook anders?

Tenslotte, het uitgangspunt is: minderjarigen hebben dit recht, slechts in uitzondering kunnen er eventueel beperkingen op dit recht bepaald worden.

Terug naar vragenlijst